Extract uit de Notulen van het verhandelde in de Raad van Tucht voor Weezen vondelingen en verlatene Kinderen, bij het 1e Gesticht te Veenhuizen

Zitting van den 26 Julij 1858


Present
Rensing, president
leden: G. J. Hendriks, W. Heidema, L. Vrieze, B. Nijman
J. F. Morriën, Secretaris

De Raad bijéén geroepen zijnde, wordt door den voorzitter geopent; alle de leden zijn tegenwoordig.

Wordt voorgenomen:

den bedelaars kolonist Adriaan de Moor N1414, wegens desertie voor de 2e maal, hebbende hij bij deze gelegenheid verkocht: 1 Halsdoek Mans 1 taille, 1 Peijen buis met groene kraag, en 1 grijze pet 3 taille, ter gezamentlijke waarde van f 4,80

Gezien artikel 3 § 2 van het reglement van Tucht voor weezen.

Wordt besloten te straffen:

A. de Moor N1414 met 8 dagen opsluiting in de strafkamer, om den anderen dag te water en brood, benevens dubbele vergoeding van het door hem verkochte op rekening zijner oververdiensten, ten bedrage ad f 4:80

Dit vonnis aan hem bekend gemaakt zijnde, wordt de vergadering gesloten.

Aldus opgemaakt op datum als in het hoofd dezes vermeld, en onderteekend door de onderstaande:
Rensing, President
Leden: G. J. Hendriks, W. Heidema, L. Vrieze, B. Nijman

Voor Copie Conform
De Secretaris
J. F. Morriën

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, bij post van 24 augustus 1858 N7, invnr 895

Notities bij het zittingsverslag