Extract uit de Notulen van het verhandelde in de Raad van Tucht voor Weezen, Vondelingen en Verlatene kinderen te Veenhuizen 1e gesticht Zitting van den 29 Julij 1857


Present
C. W. Rensing, Prest.
leden: G. J. Hendriks, W. Heidema, B. Nijman, L. Vrieze
J. F. Morriën, Sect.

De raad bijeengeroepen zijnde, wordt door den Voorzitter geopend, alle de leden zijn tegenwoordig.

Wordt voorgenomen

1e Den Bed.Kol. Pieter Bakker N1053 wegens ontvreemding van 7 N Ellen zwart voerlaken van de fabrijk ter waarde van f 3,85

2e Den Bed.Kol. Gerardus Janssen N4881 wegens desertie voor de 1e maal, en verkoop van Koloniale Kleeding stukken: 1 Buis met groene kraag, 1 wit voerlaken broek, 1 pr kousen, 1 Pet, & 1 Halsdoek Mans 3 taille ter gezamelijke waarde van f 7,40

3e Den Bed. Kol. Pieter Drost N1469 wegens ontvreemding en vernieling van tuinvruchten uit een Ambtenaars tuin

4e Den Bed. Kol. Gerrit Bakker N474 wegens desertie voor de 1e maal

5e Den Wees Johannes Fredericus Hoffer N1029 wegens verzuim van werkzaamheden op het land.

Gehoord bovenstaande personen die niets ter hunner verontschuldiging kunnen inbrengen.

Gezien art. 3 § 2, 3 & 8 van het reglement van Tucht voor weezen, Vondelingen en verlatene kinderen

Wordt besloten te straffen

De Bed Kol P. Bakker N1053, G. Janssen N4881, P. Drost N1469 en G. Bakker N474 alsmede den wees J. F. Hoffer N1029 ieder met 8 dagen opsluiting in de strafkamer om den anderen dag te water en brood, en de twee eerst genoemde met dubbele vergoeding voor het ontvreemde op rekening hunner oververdiensten.

Deze vonnissen worden hun respectivelijk bekend gemaakt & de president sluit de vergadering.

Aldus opgemaakt op datum als in het hoofd dezes vermeld, en onderteekend door
C. W. Rensing, Prest
leden: G. J. Hendriks, W. Heidema, B. Nijman, L. Vrieze

Voor Copij Conform
De Secretaris
J. F. Morriën


BRON:
Drents Archief, toegang 0186, bij post 08-09-1857 N2, invnr 868

Notities bij het zittingsverslag