Naar het overzicht
van stukken over VEENHUIZEN



12 maart 1825: In het magazijn van het 2e etablissement is bijna al het nodige tot den ontvangst van eene geheele bevolking voorhanden


Zo te zien is het bezoek waarover de directeur op 12 maart 1825 rapporteert tamelijk gehaast geweest. Hij schrijft ook wat ademloos. In het tweede gesticht hangen her en der al hangmatten, maar het derde gesticht moet nog door een bouwkundige gekeurd worden, Dit stuk bevindt zich in invnr 72.


Bij mijn retour uit Veenhuizen heb ik de eer de Permanente Kommissie te berigten,

dat ik aan het 1e etablissement, door de kortheid destijds welke ik mij daar kon ophouden, en de absentie des Heeren Poelman dit maal in geene bijzonderheden heb kunnen treden;

in de fabrieken heb ik alles, overeenkomstig een deswegen ontvangen rapport van de Heer Brouwer, in eene behoorlijke order gevonden, vooral met betrekking tot de bewerking der stoffen;

de kinderen zagen er zeer gezond en tevreden uit en in de school meende ik duidelijk de vordering der leerlingen te kunnen bespeuren:

het spijt mij hier te moeten bijvoegen, dat ik in het voorbijgaan eeniger jongens die op het land werkten, zeer ongepaste uitdrukkingen hoorde bezigen.

Bij het 2e en 3e etablissement zijn reeds veele voorbereidende werkzaamheden tot de ontginning van nieuwe hoeven gedaan; om dit met nog meerder kragt en geregeld te kunnen voortzetten is door mij de aankoop van 20 paarden, ploegen, wagens en tuigen naar evenredigheid bevolen.

In het magazijn van het 2e etablissement is bijna al het nodige tot den ontvangst van eene geheele bevolking voorhanden, terwijl wij dagelijks goederen uit het algemeene magazijn naar het 3e etablissement zenden.

In vier zalen van het 2e gestigt zijn de hangmatten opgehangen en aan eene menigte andere de scheerlijnen in hout aangebragt, en kunnen door de aanwezige geemployeerde met behulp van een paar kolonisten uit het 1e etablissement spoedig geheel gereed zijn.

Van eenige noodzakelijke bruggen, bijgebouwen, boeren en wijk­meesterswoningen zullen ten spoedigste bestekken enz. worden opgemaakt en ter approbatie aan de Permanente Komm. ingezonden.

Tot heden is het 3e hoofdgebouw door den geemploijeerden bij  s Rijks Waterstaat Elsinga, nog niet opgenomen; reden hij hierin vroeger door bijzondere omstandigheden en thans door menigvuldige werkzaamheden bij de reparatie der dijken in Vriesland is verhindert geworden;

ik ben daarom te raden geworden den gekwalificeerden tot de opname dezer gebouwen, van wegen de direktie der Bataafsche Brandwaarborg Maatschappij te Assen, tot dat einde den Heer van Lemel optegeeven, niet twijfelende of deeze zal daar toe genegen en bekwaam zijn, en deeze maatregel door de Permanente goedgekeurd worden;

ik heb dit te meer nodig geacht, omdat de aanneemer Windt mij meermalen om de afdoening verzocht heeft, en ik zelve gaarne met hem wenschte te likwideren tot welke einde dan ook reeds de reekening tusschen de Maatsch. en dien aanneemer is opgemaakt, en zal ik de eer hebben die binnen weinige dagen aan de Permanente Kommissie te adres­seeren.