Raad van Tucht voor weeskinderen VH-3

Raadsvergadering op Dingsdag den 8 September 1829


Art 1
De Leden zijn allen tegenwoordig.

Art 2
De Voorzitter verklaard de Vergadering voor geopend.

Art 3
De President verzoekt den Secretaris de Vergadering te lezen de gedurende deze week ingekomen klagten tegen Arbeiders Huisgezinnen & Weezen.-

Art 4
Er wordt door den secretaris voorgelezen

1e Eene aanklagte door den Wijkmeester Rutten tegen den arbeiders kolonist Mollenbeek & desezelfs huisvrouw houdende dat zij zich zonder permissie eene nagt van het Gesticht verwijderd hadden.

2e Eene dito door denzelden Wijkmeester ingebragt tegen den kolonisten arbeider Pegman bevattende mede eene verwijdering van het Gesticht zonder permissie.-

Art 5
De beklaagden worden door den Raad schuldig bevonden.

Art 6
De Raad condemneerd den persoon Mollebeek voor 4 nachten en deszelfs huisvrouw voor 2 nachten doch den arbeider Pegman om reden hij zich anders als een goed kolonist gedraagt slegts voor een nacht provoost arrest overeenkomstig art 3 van het Reglement van Tucht voor de Arbeiders Huisgezinnen.-

Art 7
De Wijkmeester Rutten wordt met Executie dezes belast.

Art 8
Er wordt door den secretaris voorgelezen eene door den Zaalopziener Emmelot ingebragte Klagte wegens het ontvreemden van Tuinvruchten uit de tuinen der Veteranen door de Weezen C. Verhoef, H. J. Blanchard en J. van Gelderen.-

Art 9
De beklaagden worden door den Raad schuldig bevonden.
De Raad verwijst de Weezen Verhoef & Blanchard ieder voor 3 maal 24 uur en J. van Gelderen voor denzelfden tijd doch met boeijen aan, in de strafkamer, overeenkomstig art 3 onderdeel 8 vergeleken met art 4 onderdeel 8 van het Reglement van Tucht voor weezen, vondelingen en verlatene kinderen.-

Art 11
De Zaalopziener Emmelot wordt met de Executie van dit vonnis belast.-

Art 12
Door den adjunct en onder directeur binnen wordt aan den Raad ter kennisse gebragt dat door hun geduurende de afgelopen week de navolgende Straffen aan de daarbij vermelde Weezen zijn opgelegd, als:

aan A. Hes zaalarrest gedurende 3 agter eenvolgende zondagen wegens vloeken overeenkomstig art 3; 7e onderdeel vergeleken met art 4 7e onderdeel; van het Reglement van Tucht.

aan J. Zuider?? 3 nachten Strafkamer als hebbende zij zig, niet tegenstaande het verbod van den adjunct Directeur evenwel naar Norg begeven zulleks in overeenstemming met de 1e kategorie van art 4 van het Reglement.

aan M. Spoet (??) wegens scheldwoorden tegen haare zaalmakkers 2 nachten provoost arrest ingevolge art 3 laatste gedeelte in verband beschouwd met de 9e kategorie van art 4 van het reglement.-

aan J. Pen Voor brutaliseeren harer zaalmakkers en voor onzindelijkheid, te pronkstelling in de zaal gedurende geduurende 2 agter eenvolgende middag maaltijden met onthouding van de helfte van de gewoone hoeveelheid voedsel.-

aan L. van den As, H. Prins en J. Bach 3 nachten provoost arrest als hebbende zij zig zonder permissie van het Gesticht verwijderd. Zie art 3 1e deel in overeenstemming met art 4 1e onderdeel van het reglement.-

aan E. Weijdijk wegens het uit de zaal blijven bij nagte zonder permissie &
P. van der ?? voor ongehoorzaamheid op School ieder 2 nagten provoost arrest ingevolge art 1 of 3? eerste gedeelte vergeleken met art 4 1e Gedeelte van het reglement. Art 13

De werkzaamheden afgelopen zijnde, zoo wordt de Raad gehouden voor gesloten.

Aldus gearresteerd op dato als boven
de president & leden
A.de Geus, C. Hulst, L. N. Bandering, J. Emmelot, van der Kamp
Copij
C: Blanken


BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1622

Notities bij het zittingsverslag