Naar het overzicht
van stukken over SUBCOMMISSIES




De subcommissie van weldadigheid te Bergen op Zoom

Bergen op Zoom meldt op 17 juli 1818 dat er in de stad een subcommissie van weldadigheid is opgericht, zie hier.


Augustus 1821

De Regenten van 't gecombineerd Wees- en Armkinderhuis in Bergen op Zoom sluiten augustus 1821 een A-contract (zie voor uitleg daarover) met de Maatschappij van Weldadigheid. Door het contract A35 hebben zij voor 'altoos' het recht om zes weeskinderen met bijbehorende huisverzorgers en twee arme gezinnen in de vrije koloniŽn te vestigen.

Leden subcommissie

In het overzicht van subcommissies in invnr 1015, waarvan mij onduidelijk is in welke tijd dat gemaakt, staan als leden van de subcommissie:

▪ J. Drabbe, wethouder, president van de subcie, maar zijn naam is doorgehaald.
▪ van Winter, luitenant kolonel kommanderend het 6e Bataillon Artillerie Nationale militie
▪ J. Smijtegeld van der Hoek, predikant bij de Herv. Gem. President
▪ B.F. Vermeulen, Ontvanger der Domeingoederen
▪ I.F. Verlinden, Apotheker
▪ N. Stuart of Huart, thesaurier der stad, thesaurier
▪ F.M. Meiche, predikant bij de Evang. Luth. Gem. Secretaris
▪ J. Alders, notaris

Rekening-courant

Uit invnr 1105, waarin de jaarlijkse verantwoordingen van de subcommissie van weldadigheid Bergen op Zoom zitten, komen de volgende gegevens. Blijkbaar worden na 1820 de militaire leden niet meer tot de subcommissie gerekend, maar zullen ze zijn ondergebracht bij de provinciale commandant van Noord-Brabant:
▪ afrekening 1818: 39 burgerlijke leden + 5 dito + 23 militaire leden
▪ afrekening 1819: 43 burgerlijke + 28 militaire (+ namenlijst)
▪ afrekening 1820: 41 burgerlijke + 4 militaire
▪ afrekening 1821: 59 burgerlijke
▪ afrekening 1822: 54 burgerlijke
▪ afrekening 1823: 50 (volgens invnr 1113 echter 55 leden)
▪ afrekening 1824: 44 + 1 die dubbele contributie betaalt
▪ afrekening 1825: 57 + 2 dubbele
▪ afrekening 1826: 48 + 2 dubbele
▪ afrekening 1827: 43 + 2 dubbele
▪ afrekening 1828: 38 + 2 dubbele
▪ afrekening 1829: 38
▪ afrekening 1830: 37
▪ afrekening 1840: 34
▪ afrekening 1845: 19
▪ afrekening 1850: 12