Naar het overzicht
van stukken over ONDERWIJS





Meester Hendrik Hendriks Middelboer is twee jaar 'getrouw en bemind in den schooldienst bezig' te Frederiksoord, als de besmettelijke ziekte langskomt

Hendrik Middelboer wordt ergens in de herfst van 1820 aangesteld als onderwijzer voor Frederiksoord, welke school hij samen met de kolonistenzoon Jan Hendrik Geraets runt. Volgens zijn latere overlijdensakte is hij geboren 7 april 1799 en dus begin twintig.

Hij wordt een paar keer genoemd in het verslag over het onderwijs dat Jan Hessels van Wolda schrijft in het blad de Star van maart 1822 en zelf levert Hendrik Middelboer bijdragen aan de schoolrapporten in het begin van 1822.


Maar op 23 mei 1822 schrijft Johannes van den Bosch:

Er bestaat in kolonie N 1 en 2 eene ziekte die contagieus schijnt te zijn, althans zo iemand daar mede in een huisgezin besmet word, lopen zelden iemand der anderen vrij. Reeds zijn daar aan eenige kolonisten gestorven en verscheidene anderen liggen daar aan nog zeer ziek. De wachtmeester, de vrouw van Tijmes, de Wals, de zoon van Geraads en meester Middelboer zijn geenszins buiten gevaar.

En een week later, 29 mei 1822, schrijft diezelfde Johannes van den Bosch:

De ziekte in de kolonie schijnt weinig te verminderen en gansch niet minder gevarelijk te worden. Eergisteren is de wachtmeester, gisteren de school­meester Middelboer en heden morgen de vrouw van Tijmes gestorven.

Overlijdensakte 14 van 1822 van de gemeente Vledder meldt dat dat overlijden op 28 mei 1822 heeft plaatsgevonden, en dat Hendrik Hendriks Middelboer een zoon was van Hendrik Jans Middelboer en Aaltje Hendriks.

Op 9 juni 1822 schrijft Jan Hessels van Wolda over Hendrik Middelboer:

Hij was een jongeling, die, hoewel met geen pralende vlijheid begaafd, een zeer goed klassikaal onderwijs gaf en zig vooral toeleg­de den kinderen beschaafdheid en deugd eigen te maken.

En in het juni-nummer van het maandblad de Star gaat het over de scholen:

In no. 1 had de opkomst der kinderen uitgemunt, en vele der grootste jongen, zelfs eenige kinderen uit de dagschool, woonden de avondschool bij. Ongelukkiglijk werden de beide onderwijzers, daarin funge­ren­de, den 16den mei ziek, en de één, H.H. MIDDELBOER, sedert twee jaren getrouw en bemind in den schooldienst bezig, overleed den 28sten daarna; terwijl de tweede, J.H. GEERARTS, in het begin van junij weder begon te herstellen, doch nog buiten staat was, het maandrapport op te maken. Sedert dien is het school-onderwijs in deze kolonie met vrucht weder hervat.