Naar het overzicht
van stukken over ONDERWIJS





November 1824: het plan voor een winterschool in het tegen Steggerda aanliggende noordelijkste deel van Willemsoord

Vanwege de afstand en de 'morsigheid der wegen' kunnen kinderen uit het Noordelijkste gedeelte van Willemsoord en van de hoeves langs de Westvierdeparten 's winters niet naar school. Dat is adjunct-directeur Jan Hessels van Wolda een doorn in het oog en daarom wil hij een 'winterschool' oprichten die dichter bij die hoeves ligt.

Zijn plan is gevoegd bij een brief van directeur der koloniŽn Wouter Visser aan de permanente commissie dd 29 november 1824, invnr 71. Die schrijft daarbij:

Nog heb ik de eer de Permanente Kommissie ter approbatie aan te bieden een ontwerp voor eene klijne school gedurende eenige wintermaanden, ten behoeve dier kinderen welke in een gedeelte der 3, 4 & 6 kol. zoo ver van de bestaande scholen verwijderd wonen, dat het hun bij de slegte wegen in dit jaargetij bijna onmogelijk is, het onderwijs te kunnen bijwonen. De weinige kosten welke deze school zoude vorderen, kunnen mijns bedunkens op de adm. fondsen der belanghebbenden kolonisten worden gebragt.

En dan op een apart vel het voorstel van Van Wolda:

Daar het voor de schoolpligtige kinderen van de 6e kolonie en een gedeelte van de 4e kolonie, de Westvierdeparten, gedurende de maanden december, january, february en maart wegens den verren afstand, en de morsigheid der wegen, onmogelijk is, school te gaan, zoo neemt de ondergetekende met allen eerbied de vrijheid, het navolgend plan en berekening der kosten eener winterschool, aan den Heere Direkteur der kolonien voor te dragen.

a Hendrik de Nekker, kolonist en tevens sedert eenige jaren onder≠meester in kol. No 3, 's wekelijks É2.50 inkomen hebbende, is genegen het onderwijs in de op te rigtene school op zich te nemen. Hij moet 's morgens en 's avonds laat ťťn uur gaan, dus alle dagen twee uren. Is het mogelijk dat denzelven voor zijne meerdere moeite en tot aanmoediging, 's wekelijks eenige stuivers meer kan worden toegelegd, dankbaar zal hij zulks genieten, doch kan zijn bestaan er niet door verbeterd worden, ook dan nog wil hij dezen taak op zich nemen. Voorts:

b De overig hebbende banken in de scholen van kol. No 3 en 4 zijn toereikende om het huis no. 50 in de 6e kolonie, en enigzins in het midden staande, daarmede behoorlijk te voorzien.

c Benodigde turfbrand.....................É 7-00

d Kaarsen voor de avondschool......É 8-00

e De jongeling, adsisterende den onderwijzer in kol. No 3 wanneer de Nekker vertrekt,
's weeks É 1-25...............................É20-00
                                                 ╶───────   
                                                       É35-00

Aldus ter deliberatie aan den Heer Direkteur voorgedragen op heden den 26 november 1824

J.H. van Wolda

De in een 'ledigstaande koloniehoeve' opgerichte school is zo'n succes dat het geen winterschool blijft, maar die het hele jaar door zal draaien. Het schooltje zal bekend komen te staan als 'de bijschool van Willemsoord-Steggerda' en zal - met enkele onderbrekingen - tientallen jaren door de kolonistenzoon Hendrik de Nekker worden geleid.