Naar het overzicht
van de MUNT-pagina's





Het geld van de kolonie op de Ommerschans: de 8 februari 1838 ingevoerde serie van koper en zink die later uniform wordt voor alle koloniŽn

Volgens het Handboek van de Nederlandse munten van 1795 tot 1975, door J. Schulman is er op de Ommerschans eerst een serie munten van blik, zie op deze pagina, en daarna twee series, een van roodkoper en een van gegoten ijzer, die tegelijk gebruikt worden. Daarna volgt een serie waarvan nietmand weet hoe die er uit gezien heeft, zie deze pagina.

Die laatsten worden op 8 februari 1838 door de directeur der koloniŽn allemaal ingenomen, zie zijn verslag op deze pagina..

UNIFORMERING

De nieuwe munten met aan de voorkant 'MvW' voldoen blijkbaar goed, want ze vormen het uitgangspunt als de koloniale munten worden geŁniformeerd:

Op 20 april 1841 worden munten met hetzelfde uiterlijk als de serie van de Ommerschans ook ingevoerd in het tweede gesticht te Veenhuizen, en op 11 mei 1841 in het eerste en derde gesticht, zie deze pagina.

En op 28 december 1842 worden ze in gebruik genomen in de gewone of vrije koloniŽn, zie deze pagina.

Alleen komt er dan ook iets op de achterkant te staan.

ACHTERKANT

Over die achterkant eerst. Daarvoor zijn uiteindelijk vijf mogelijkheden:

■ Het opschrift 'GK', dat staat voor 'Gewone KoloniŽn', oftewel Frederiksoord, Wilhelminaoord en Willemsoord.
■ Het opschrift 'V1' dat staat voor het eerste gesticht te Veenhuizen.
■ Het opschrift 'V2' dat staat voor het tweede gesticht te Veenhuizen.
■ Het opschrift 'V3' dat staat voor het derde gesticht te Veenhuizen.
■ Blanco, wat inhoudt dat het een munt van de Ommerschans is.

De afbeeldingen, die komen van het Teylers Museum en de NNC (Nationale Numismatische Collectie):

GEWONE KOLONIňN

NNC inventarisnummer DNB-30626, diameter 19,22, zink, gewicht 1,410 gram, op de achterkant van een munt van 1 cent.

EERSTE GESTICHT VEENHUIZEN

Teylers Museum objectnummer TMNK 15887, koper, diameter: 21,70 mm, gewicht 3,286 gram, op de achterkant van een munt van 25 cent.

TWEEDE GESTICHT VEENHUIZEN

Teylers museum objectnummer TMNK 15889, op de achterkant van een munt van 100 cent, diameter 32,72 mm, koper, gewicht 10,119 gram.

DERDE GESTICHT VEENHUIZEN

NNC inventarisnummer DNB-30629, diameter 25,64 mm, zink. gewicht 4,168 gram, op de achterkant van een munt van tien cent.

OMMERSCHANS

Een beetje flauw want aan blanco is niet veel te zien, maar voor de volledigheid. NNC inventarisnummer DNB-30625, diameter 22,35 mm, koper, gewicht 1,869 gram, op de achterkant van een munt van 25 cent.

DE VOORKANT, HET OPSCHRIFT

Bovenaan de voorkant staat het opschrift 'MVW' wat natuurlijk staat voor 'Maatschappij van Weldadigheid' en daaronder in centen de waarde van de munt. Er zijn echter verschillen in interpunctie:

■ Het opschrift 'M.V.W.', dus met drie punten, staat op de munten van 100 cent, 20 cent, 2 cent en Ĺ cent.

■ Het opschrift 'M:V:W:', dus met dubbele punten (in die tijd vaker gebruikelijk bij afkorten), staat op de munten van 50 cent en 25 cent.

■ Het opschrift 'M.V.W', dus met twee in plaats van drie punten, staat op de munten van 15 cent, 10 cent, 5 cent en 1 cent.

MATERIAAL EN WAARDEN

Munten van 15 cent en meer zijn van rood koper, munten met een lagere waarde zijn van zink.

Alle koloniŽn hebben munten van Ĺ cent, 1 cent, 5 cent, 10 cent, 25 cent, 50 cent en 100 cent.
Daarnaast heeft de Ommerschans ook nog munten van 2 cent, 15 cent en 20 cent, maar die worden per besluit van 11 oktober 1841 afgeschaft, zie hier.
De drie gestichten te Veenhuizen hebben ook een munt van 15 cent, maar dat duurt maar heel kort, want 20 april en 11 mei 1841 wordt deze muntenserie daar ingevoerd en dat is dus slechts enkele maanden voor het bovengenoemde besluit waarbij de 15 centstukken worden afgeschaft.

SCHEMA

Met al dat ingewikkelds ziet het schema er tot 11 oktober 1841 als volgt uit (en voor de periode daarna kunnen de 2, 15 en 20 cents stukken weggedacht worden):

Waarde
Materiaal
Opschrift met:
100 cent
koper
3 punten
50 cent
koper
dubbele punten
25 cent
koper
dubbele punten
20 cent, alleen OS
koper
3 punten
15 cent, alleen VH & OS
koper
2 punten
10 cent
zink
2 punten
5 cent
zink
2 punten
2 cent, alleen OS
zink
3 punten
1 cent
zink
2 punten
Ĺ cent zink
3 punten

AFBEELDINGEN VOORKANT

Bij sommige van onderstaande plaatjes ontbreken diameter en gewichtsgegevens, maar dat zal ik proberen nog aan te vullen. Het is niet compleet want het op de Ommerschans gebruikte 20 centstuk heb ik nergens gevonden, ook niet bij catawiki, welke site het overigens presteert om te spreken van de 'Rijksgestichten Frederiksoord, Wilhelminaoord en Willemsoord'. Nouja.

WAARDE Ĺ CENT.

NNC inventarisnummer MU-00517, diameter 16,86 mm, gewicht 1,412 gram, op de achterkant van dit exemplaar staat 'V2'.

WAARDE 1 CENT

NNC inventarisnummer DNB-30626, diameter 19,22, zink, gewicht 1,410 gram, op de achterkant van dit exemplaar staat 'GK'.

WAARDE 2 CENT

NNC inventarisnummer 1979-0178, diameter 20,72 mm, gewicht 1,704 gram. De achterzijde is natuurlijk blanco omdat munten van 2 cent alleen op de Ommerschans gebruikt worden.

WAARDE 5 CENT

NNC inventarisnummer 1979-0180, diameter 21,17 mm, gewicht 2,82 gram, op de achterkant van dit exemplaar staat 'GK'.

WAARDE 10 CENT

NNC inventarisnummer DNB-30629, diameter 25,64 mm, zink, gewicht 4,168 gram, op de achterkant staat 'V3'.

WAARDE 15 CENT

NNC inventarisnummer 1952-0186, diameter 20,27 mm, gewicht 2,756 gram, op de achterkant van dit exemplaar staat 'V1'.

WAARDE 25 CENT

NNC DNB-30625, diameter 22,35 mm, koper, gewicht 1,869 gram, de achterkant van dit exemplaar is blanco.

WAARDE 50 CENT

NNC DNB-30627, diameter 26,95 mm, koper, gewicht 6,090 gram, op de achterkant van dit exemplaar staat 'V3'.

WAARDE 100 CENT

Teylers museum, objectnummer TMNK 15889, diameter 32,72 mm, gewicht 10,119 gram. Op de achterkant staat 'V2'.

OPGRAVINGEN OMMERSCHANS

Bij het archeologisch vooronderzoek van RAAP Archeologisch Adviesbureau B.V. bij de Ommerschans in 2010 zijn drie koperen munten gevonden. Twee behoren misschien tot de serie munten die eerder, van 24 december 1830 tot 8 februari 1838, op de schans in gebruik zijn geweest.

Eentje, die op de 'Vondstenlijst metaal detectieonderzoek' als nummer 28 is vermeld, maar abusievelijk als afbeelding 27 in het verslag staat, is een munt van 25 cent uit de boven genoemde serie, wat met goed turen ook wel te ontcijferen is. Omdat er in de omschrijving niets staat over een opschrift op de achterkant, neem ik aan dat het een munt van de Ommerschans is:

DE AANTALLEN

Zoals boven beschreven is vanaf 28 december 1842 het muntstelsel in alle koloniŽn geŁniformeerd. We proberen op een rijtje te krijgen hoeveel van die munten hebben bestaan:

■ Op de Ommerschans

■ In het eerste gesticht te Veenhuizen

■ In het tweede gesticht te Veenhuizen

■ In het derde gesticht te Veenhuizen

■ In de vrije koloniŽn.

TOT 1859

 Deze series blijven in gebruik tot eind 1859. Voor de situatie daarna zie hier.