Naar het overzicht
van de MUNT-pagina's





Winkelkaartjes met de handtekeningen van de directeur der administratie en de inspecteur der koloniŽn zijn van NA 23 januari 1837, alle andere zijn van ervůůr

Bij het besluit van 23 januari 1837, zie op deze pagina, wordt bepaald dat op de winkelkaartjes de handtekeningen staan van de directeur der administratie en de inspecteur der koloniŽn.

POST

De eerste is ene meneer Post, die op het kantoor in Den Haag werkt en over wie in het archief van de Maatschappij geen persoonlijke informatie te vinden is. Behalve dat zijn voorletters H.W.L. zijn, dat hij maart 1830 in dienst is getreden als 'directeur voor de comptabiliteit' voor 1500 gulden per jaar en dat die functie op enig moment 'directeur der administratie' is gaan heten voor 1700 gulden per jaar.

VISSER

De inspecteur der koloniŽn, die tevens 'adviseur der permanente commissie' is en 2500 gulden per jaar verdient voor het regelmatig bezoeken en inspecteren van alle koloniŽn, is Wouter Visser, geboren 17 oktober 1789 te Sliedrecht, bij de Maatschappij begonnen als adjunct-directeur van de Ommerschans augustus 1820, daarna directeur der koloniŽn van april 1821 tot 1 juni 1829 en sindsdien inspecteur der koloniŽn. Zie iets meer informatie over hem op deze pagina.

Het betekent dat alle bewaard gebleven winkelkaartjes met ANDERE handtekeningen erop, van vůůr 23 januari 1837 zijn.

V””R 1837

Dat geldt dus voor bijvoorbeeld:
● De eerste winkelkaartjes op deze pagina met de handtekening van algemeen boekhouder William Reese.
● De kaartjes op deze pagina met de naam van J. Poelman erop (van het eerste gesticht te Veenhuizen)
● De zogenaamde 'broodkaartjes' op deze pagina met de handtekening van algemeen boekhouder William Reese,
● De kaartjes op deze pagina met de handtekeningen van directeur Van Konijnenburg en boekhouder Van Marle
● en de afbeelding op deze pagina met diezelfde handtekeningen.

NA 23 JANUARI 1837

En alle kaartjes met de handtekeningen van Post en Visser erop zijn dus van na 23 januari 1837. Daarvan zijn er voor zover ons bekend twee bewaard gebleven.

De ene is van het derde gesticht te Veenhuizen en staat op deze pagina,

Het andere bewaard gebleven exemplaar bevindt zich in de Nationale Numismatische Collectie bij de Nederlandse Bank en is gecatalogiseerd GP-00834. De werkelijke grootte is 54 bij 41 mm en hij is van wit karton en omdat er bovenaan geen nummer staat is hij in gebruik geweest in de vrije koloniŽn (Frederiksoord, Wilhelminaoord en Willemsoord).

EINDDATUM

Dit soort kaartjes blijft in de vrije koloniŽn in gebruik tot 28 december 1842 als ze allemaal worden ingenomen en er ook in die koloniŽn munten van koper en zink worden ingevoerd, zie deze pagina.