Naar het
  overzicht

    van alle
munt-pagina's





10 januari 1837: De directeur voor de administratie brengt advies uit over het in eigen hand nemen van de koloniale munt

Naar aanleiding van het verlangen van de permanente commissie om het vervaardigen en verdelen van het koloniale geld in eigen hand te nemen, stuurt de directeur alles wat hij nog heeft aan vellen met winkelkaartjes op, zie hier. De permanente commissie geeft die brief aan de directeur voor de administratie, invnr 178 scan 451, en die brengt daarop het volgende advies uit, invnr 178 scan 455:


Naar aanleiding van de brief des Directeurs der KoloniŽn, gesteld in handen van de Directeur voor de administratie bij apostelle 10 january 1837 No 9

Te bepalen

Dat uit aanmerking van de meerdere regelmatigheid sedert 1 January 1837 de Koloniale munt onmiddellijk bij de Permanente Commissie zal worden aangemaakt en naar den Directeur der KoloniŽn gezonden, op deszelfs aanvragen, welke intijds en ten minste 14 dagen tevoren zal behoren te worden ingezonden

Dat de Koloniale munt voor zoveel dezelve in kaartjes bestaat zal worden geteekend door de Directeur voor de administratie en geviseerd door den heer Inspecteur van de KoloniŽn waartoe dezelve bij deze worden geauthoriseeerd

Dat de Directeur voor de administratie verpligt zal te houden een behoorlijke contrŰle van de uit te geven  en van de in te wisselen onbruikbare Koloniale munt

En dat de Directeur voor de Administratie belast zij met de bewaring van de in voorraad gedrukte Koloniale munt, alsmede van de stempels voor de munt in Koper en Zink bestaande

Met potlood is hier in een ander handschrift, waarschijnlijk door een lid van de permanente commissie bijgeschreven: NB de nodige vellen voor de KoloniŽn en gestichten met enige spoed laten drukken.
Daarna neemt de permanente commissie op 23 januari 1837 hierover een besluit.