Naar het overzicht
van de POST







De POST van DECEMBER 1825

Donderdag 1 december 1825

Ingekomen post invnr 76 scan 667. Uit een brief van directeur Visser aan de Permanente Commissie:

Gaarne zal en kan ik de uitgaven in de kolonien gedurende het lopende jaar zodanig beperken dat zij per week niet meer dan É2500- of nog É10000- boven de nu ontv. É2500- tot ult. december bedragen: dan daar ik den Heer Brouwer te Meppel beloofd heb, zijne geleverde koeken tot bemesting en hooij te Veenhuizen ten spoedigste te voldoen, als mede nog eenige oude rekeningen waarom ik dringend ben verzogt; zoude het mij aangenaam zijn de gepetitioneerde É4500- voor 4 tot 11 dezer in de volgende week te ontvangen, zullende dan de aanvragen in de drie volgende weeken zoo veel minder worden gesteld, als nodig is om het gezamentlijk bedrag van É10000- tot 1 januarij 1826 niet te boven te gaan. Mogt dit egter niet wel convenie≠ren zal ik de krediteuren tragten te vreeden te stellen.



Vrijdag 2 december 1825

Ingekomen post invnr 76 scans 670-673. Brief van directeur Visser

- over Veenhuizen.transcriptie

- over de winkelier Claassens/Klaassen:transcriptie

- en diens mogelijke opvolger Andrea. transcriptie

Tweede gedeelte over moordenaar Louis Nicolas ook op pagina Nicolas.transcriptie

Volgens brievenboek invnr 348 is de brief beantwoord 15 dec N838, not 14 id art 31.


Ingekomen post volgens brievenboek invnr 348. Administrateur Armenwezen: Autoriseert tot het ontslaan van bed kol R. Staats  als ten onrechte derwaards opgezonden, geschreven aan den direkteur 15 dec N??, not 14 id art 27.


Zaterdag 3 december 1825

Ingekomen post invnr 76. Brief subcommissie Beemster.

transcriptie bij Beemster

transcriptie bij Purmerend



Maandag 5 december 1825

Ingekomen post invnr 76. Brief van B&W Monnikendam met bijgevoegd brief van de regenten van het gereformeerd weeshuis over de kinderen Van Waveren. transcriptie


Ingekomen post invnr 76 scans 694-696. Uit een brief van directeur Visser aan de Permanente Commissie:

De Permanente Kommissie heb ik de eer te berigten de ontvangst haare missiven dd. 1 en 2 dezer N813 en 816, in antwoord op eerstgenoemde is diendende, dat ik de gewoone leveranciers dadelijk zal aanschrijven van de benodigde olie voor eene maand bij de andere goederen te voegen en wel om dat ik ten gevolge missive der Permanente Kommissie dd. 25 novb. N785 die leveranciers van hun aanbod om de olie tegen É34- te leveren, heb ontslagen; en daar ik sedert dien tijd vernomen heb dat dit artikel in prijs is gemonteerd, het te verwachten is, dat zij nu ook meer geld zullen vragen; zoo dit het geval niet zijn mogt, zal ik de overeenkomst voor 3 maanden sluiten, terwijl in geval het verschil aanmerkelijk is, ik de Permanente Kom≠missie daar van vooraf zal informeren.



Woensdag 7 december 1825

Ingekomen post invnr 76. Uit een brief van S.J. van Roijen aan de Permanente Commissie:

Voorts heb ik gemeend met het inzenden van het hier bijgaande afschrift eener missive door kerkvoogden, betrekkelijk de kwestieuze pagt rogge te Doldersum, aan het provinciaal kollegie van kerkelijke zaken geschreven, de Kommissie geen ondienst te zullen doen, als zullende mijner inziens kunnen dienen ter inligting van gemelde zaak.
Eindelijk heb ik gemeend ter kennisse van de Kommissie te moeten brengen, dat er bij mij onderscheidene aanvragen zijn gedaan om van de Maatschappij te kopen, de groenlanden welke de Maatschappij nog onder Doldersum, buiten de kolonie gelegen in eigendom bezit, welke aanvragen zijn veroorzaakt door een algemeen gerugt, dat de Permanente Kommissie besloten had gemelde groenlanden te willen verkopen of tegen andere goederen haar beter geschikt bij ruiling te willen afstaan. Ik heb ten gevolge daar van, ten einde (schoon onvermoedelijk) de genoemde gerugten waar mogten zijn, de Kommissie wegens de waarde van die gronden te kunnen inligten, door een deskundige die lange jaren te Doldersum heeft verkeerd en het land kend, mij eenige informatien wegens gedagte groenlanden doen geven, en volgens welks opgave de Maatschappij behalven haar aandeel aan het Doldersumse broek en behalven de groenlanden aldaar bij ruiling tegen het groenland van twee plaatzen te Wateren afgestaan nog te Doldersum bezit een en dertig kleine en grooter perceelen groenland, door hem stuksge≠wijze gewaardeerd, op een som waar voor hij zeide die lande te willen ontvangen van É3000-00, uit welks aanbod ik moet veronderstellen dat deze gronden wel geen minder maar mogelijk meerder waarde hebben, - ik heb gemeend UWelEdelen in geval het voornoemde gerugt niet van alle waarheid mogt zijn ontbloot, met deze opgave geen ondienst te zullen doen.

Geen bijlagen gevonden.

Ingekomen post invnr 76. Uit een brief van de subcommissie Delft aan de Permanente Commissie over kolonist Van Wijnmaalen, invnr 76:transcriptie

 


Vrijdag 9 december 1825


Ingekomen post invnr 76 scans 721-722. Visser stuurt de verantwoording over oktober.


Ingekomen post invnr 76 scans 723-725. Uit een brief van directeur Visser aan de Permanente Commissie:

In voldoening aan de missive der Permanente Kommissie dd. 2 dezer N816 heb ik de eer hier nevens aan haar te doen toekomen extrakt uit de rekening in het bijzonder van den kolonist Willem Steenhuizen; met berigt dat naar mijn inzien geene reden bestaan aan dezen kolonist deszelfs ontslag uit de koloniŽn te weigeren, mits dit kosteloos voor de Maatschappij kan geschie≠den.
De missive der Permanente Kommissie van den 5e dezer N827 met de mandaten ten bedrage van É4500 heb ik de eer gehad te ontvangen. De Direktie te Ommerschans wordt door ons van de komst der personen Judith Knies en C.H. Schouberg geinformeerd en de striktste surveillance over laatst gen. aanbevolen; in he begin der volgende week hoop ik gelegenheid te hebben dit in persoon nader aan te dringen.
Bij mijne verzoek om auth. tot het terugbrengen des kolonist Bakema in de gewone koloniŽn, was ik niet bedagt eenen anderen in deszelfs plaats der Permanente Kommissie voortestellen; daar het intusschen ondoelmatig zijn zoude de hoeven te Ommerschans slegts eenen dag onbewoond te laten, zal ik zoo vrij zijn Bakema in kol. N5 te laten, tot dat door de Perma≠nente Kommissie dezelfs opvolger zal zijn aangewezen, waartoe ik de eer heb den kolonist Bouwman, kol. 1 als geschikt voortedragen.

- over overleden bedelaar-veldwachter Hendrik Brands. transcriptie


Zaterdag 10 december 1825

Ingekomen post invnr 76. Sollicitatiebrief van Jan Groen aan Johannes van den Bosch met bijlagen. transcriptie


Ingekomen post invnr 76. Brief van de Administrateur van het Armenwezen aan de Permanente Commissie over de bedelares Charlotte Colot. transcriptie:


Ingekomen post volgens brievenboek invnr 348. Subcommissie Zierikzee draagt voor voor plaatsing als arb huisgezin A. Lagcher met vrouw en zes kinderen. Beantwoord 16 dec, not 15 id art 48.


Zondag 11 december 1825

Ingekomen post invnr 76. Uit een brief van de subcommissie Leiden aan de Permanente Commissie:

Voor den Leidschen wees Abraham Onvlťe solliciteren wij hiernevens mits dezen een verlof ter overkomst voor een 14 dagen, en wel zoo mogelijk vůůr eersten kerstdag, als wanneer zekere bruiloft in zijne familie gevierd zou worden, waar men hem gaarne bij had; alles echter onder voorwaarde dat hij zulks door zijn geschikt gedrag verdiend hebbe.


Ingekomen post invnr 76 scans 750-752. Uit een brief van directeur a.i. Falck aan de Permanente Commissie.

- over gebrek aan petten en de verschillende soorten petten. transcriptie:

- over de rekening van dokter Schuurman voor het behandelen van employťs.transcriptie

Van de Heer Burgemeester van Vledder heb ik ontvangen eene missive dd. 8 dezer, benevens afschrift eener aanschrijving van Zijne Excel≠lentie den Heer Gouverneur van Drenthe betrekkelijk de betaling der belas≠ting op het gemaal door de kolonisten in kolonie No. 1 verschuldigd. Ik heb gemeend afschrift dezer beide stukken hiernevens aan de Permanente Kommissie te moeten adresseren en neem de vrijheid almede instructie voor mijn in deze zaak te houden gedrag, te vragen.

De Heer Direkteur heeft bij deszelfs vertrek heden morgen, de expeditie dezer brief, als zijnde als toen nog niet geheel afgeschreven, aan mij opge≠dragen.

Bijgevoegd zijn de brief van de Gouverneur over de achterstallige betaling van belasting en de brief van burgemeester S.J. van Roijen die schrijft dat aangezien de achterstallige bewaarders allen kolonisten zijn, hij de brief liever doorstuurt naar de directie van de kolonie.



Maandag 12 december 1825

Ingekomen post invnr 76. Brief van de Administrateur van het Armenwezen aan de Permanente Commissie over Augustinus de Knop. transcriptie:





Vrijdag 16 december 1825

Ingekomen post invnr 76 scans 794-797. Uit een brief van directeur Visser aan de Permanente Commissie:

De kontrakten met de onderscheidene leveranciers inziende vind ik in art. 5 dat de leveranciers verpligt zijn de goederen in de etablissementen en koloniŽn te bezorgen, en daar voor kontant te zullen genieten 2 pct: van het bedrag derzelve; alvorens deeze kontrakten zodanig aan de leveranciers ter teekening aantebieden, moet ik zoo vrij zijn aan de attentie der Perm. Kommissie te adresseren dat dit art. niet conform is aan het voorgaand kontrakt, wordende overeenkomstig dat kontrakt de goederen voor de vrije koloniŽn door ons te Steenwijk ontvangen, voor het 2e et. en de Ommer≠schans te Meppel doch zend de Heer Brouwer dezelve naar die gestigten en brengt de scheepsvragt boven de prijs der goederen in rekening.
    Alleen met Meijhuizen bestond het accoord van de goederen te Veenhuizen 1e et. te leveren en daar voor te genieten 3 pct. van het bedrag derzelve. Het trans≠port van de winkelwaren van Steenwijk tot Frederiksoord heeft aan ons p.m. 2 pct. gekost en zoude dus de leverancier Pik en Rietman misschien geene zwarigheid maken de leverantie op die voet aanteneemen; dan de goederen voor de lopende maand zijn reeds te Steenwijk ontvangen en door ons getransporteerd.
    De goederen voor de O.S. en Veenhuizen 2e etablissement zijn reeds voor de lopende drie maanden afgeleverd en kosten p.m. 1 pct. van transport van Meppel tot in de koloniŽn en er zoude derh: door het nieuwe kontrakt een voordeel van 1 pct. aan den Heer Brouwer worden gegeven waarop hij geen aanspraak heeft, nog rekening maakt. Meijhuizen daarentegen zoude door dit kontrakt worden benadeeld en daarom zwarig≠heid maken hetzelve te teekenen.
Ten gevolge van dit een en ander neem ik al verder de vrijheid de Permanente Kommissie te verzoeken bij art. 5 van het kontrakt voor de gewone koloniŽn te bepalen dat de goederen door ons te Steenwijk zullen≠ worden ontvangen en voor de Ommerschans en Veenhuizen 2e et. dat de goederen door de leverancier aan de gestigten moeten worden afgeleverd, doch dat de transportkosten van Meppel tot aan de etablissementen door de Maatschappij zullen worden vergoed. En eindelijk voor het 1e etablissement dat de leverancier de waren zal afleveren aan het gestigt en boven de bedongen prijs dezelve zal genieten 3 pct. voor transportkosten. De kontrak≠ten gaan tot dat einde hier nevens terug.

- over de bedelaarskolonist Bronsema. transcriptie

- over een verklaring door dokter Smit van Veenhuizen over kinderen uit Leiden. transcriptie

- over bedelaarskoloniste Grietje Heins. transcriptie


Ingekomen post invnr 76 scans 798-799. Visser stuurt enkele stukken waaronder rapport van den staat der kleding van de kolonisten, door den onder Inspekteur van kleeding, over de maand november; waar bij is gevoegd eene opgave der oude of versleeten kleding, voor geene reparatie vatbaar en daarom zal worden vernietigt.


Ingekomen post volgens brievenboek invnr 348. J. Oosterhoff, Amsterdam, plaatsing van zijn broeder Berend voor zijn leven tegen voldoening van f 300:- eens; met verzoek om spoedige voldoening. kontrakt opgemaakt en ter teekening toegezonden 31 dec N888, not 21 id art 18. Dag later stort hij het geld en vraagt die wanneer zijn broer kan komen. Beantw 23 dec N?? geschreven aan den direkteur 22 id N865, not 21 id art 21. vermelding


Zondag 18 december 1825

Ingekomen post invnr 76 scans 807-809. Uit een brief van directeur Visser aan de Permanente Commissie:

- over de aanmaak van petten. transcriptie

- over een konvooi bedelaars uit Veere. transcriptie



Dinsdag 20 december 1825

Ingekomen post invnr 76. Brief van J.D. van der Plaats aan de Permanente Commissie:

Ingevolge contract, het welk UWEG met mij en glt(?) als toeziende voogd over Hendrik Douwes van hier, den 26 mai 1820 wel hebt willen sluiten, is dat jonge mensch in de colonien opgenomen, en tot heden verbleven.
Een welgezeten nabestaande wil dit kind bij zich nemen en verder opvoeden.
Volgens art. 8 van dat contract, drie maanden vooraf bij verlating van de colonie, daarvan informatie aan UWEG moetende worden gegeven, heb ik de eer zulks bij dezen te doen, met sollicitatie, mede te mogen weten of hij in de maand february of uiterlijk maart, door een vertrouwd persoon der familie kan worden afgehaald en van waar? Welke persoon ik alsdan een adresbrief zal medegeven.
Reeds in GG een som vooruitbetaald hebbende, verschijnende in juni, oordeel ik geen penningen alsdan meer verschuldigd te zijn, terwijl ik alleen UWEG GG moet danken voor de zorg tot de opvoeding van dit kind besteed.



ĪDinsdag 20 december 1825

Ingekomen post invnr 76. Brief van P.C.G. van Dompseler aan Prins Frederik. transcriptie:




Woensdag 21 december 1825

Ingekomen post invnr 76 scans 818-819. Brief van directeur Visser uit Veenhuizen aan de Permanente Commissie over een dagvaarding door Jacob Jans Vogelzang. transcriptie:



Bijgevoegd is de dagvaarding. Het betreft een schuld van É5000,- die nog voor de aankoop van een boerenhoeve te Veenhuizen betaald moet worden aan Jacob Jans Vogelzang.



Donderdag 22 december 1825

Ingekomen post invnr 76 scan 830. Brief van directeur Visser aan de Permanente Commissie:

In overweging genomen hebbende de onderscheiden bepalingen der Perma≠nente Kommissie en bijzonder hare besluit van den 27 meij en 14 december 1825, als mede de tengevolge die besluiten door mij gemaakte calcule met betrekking tot de uitkomst, welke de Permanente Kommissie zich daar van voorsteld of verwagt heeft, is het mij voorgekomen dat de belangens der Maatschappij de mededeling dier berekening en derzelver resultaten aan de Permanente Kommissie vorderen: dan daar het mogelijk zoude kunnen zijn dat deeze mijne berekeningen op verkeerde grondslag rusten, of dat het beeter oordeel der Permanente Kommissie dezelve anders wijzige en alzoo andere uitkomsten en vooruitzigten worden verkregen; zoo wenschte ik wel, hier over met de Permanente Kommissie in persoon te spreeken, en ten dien einde aanstaande woensdag per Steenwijker beurtman over Amsterdam naar 'S Hage t komen, om den 4 jan. aanstaande weder in de koloniŽn terug te zijn; mogt dit egter door haar onnuttig of nodeloos worden geoordeeld, zal het mij aangenaam zijn daar van te worden geinformeerd, terwijl ik anders nog de vrijheid neem te verzoeken dat de mandaten mij uiterlijk dingsdag avond gezonden of aan de order van den Heer adjunkt Direkteur Falck gesteld.

Volgens het brievenboek met invnr 348 zou dit gaan over de te doene uitgaven ter verkrij≠ging van de gewenschte resultaten in het volgende jaar.



Vrijdag 23 december 1825

Ingekomen post invnr 76. De subcommissie Amsterdam meldt dat de jaarlijkse collecte É2741,57Ĺ heeft opgeleverd.


Ingekomen post invnr 76. Brief van doctor Schuurman aan de Permanente Commissie over sollicitant Andrea. transcriptie


Ingekomen post volgens brievenboek invnr 348. Direkteur der koloniŽn.

Rapporteert op de klagten der kinderen H. en E. Waveren. vermelding

Zoo mede omtrent het aspect van den winkelier Klaassens. vermelding

Heldert op de zaak van de Wed. Kruidhoed door den Kleinen Raad behandeld.


ĪZaterdag 24 december 1824

Ingekomen post invnr 76. Brief van C.A. Andrea aan de Permanente Commissie. transcriptie:



Dinsdag 27 december 1825

Ingekomen post invnr 76 scans 868-870. Visser stuurt de verantwoording over november.



Woensdag 28 december 1825

Ingekomen post invnr 76. Uit een brief van de subcommissie Rotterdam aan de Permanente Commis≠sie over Muisson. transcriptie


Vrijdag 30 december 1825

Ingekomen post invnr 76 scans 895-895-897. Uit een brief a.i. Falck aan de Permanente Commissie:

Aanvrage om fondsen van 9 a 15 january, opgem. volgens opgave des Heeren Direkteurs vůůr deszelfs vertrek en in de meening dat de vroeger gepetitioneerde som van É6000- in eens zoude geremitteerd zijn. Ik verzoek de Permanente Kommissie de goedheid te hebben, alvorens de mandaten te kreeeren deswegens met den Heere Direkteur te willen confereren.


Ingekomen post volgens brievenboek invnr 348. De onderdirekteur B. Schurer van kol. N3. Verzoekt ontheven te worden van de vergoeding van het te kort in het magazijn door den boekhouder Heijser veroorzaakt.



Zaterdag 31 december 1825

Ingekomen post invnr 76. Uit een brief van de subcommissie Meppel aan de Permanente Commissie over Muisson. transcriptie