Naar het overzicht
van de POST







De POST van NOVEMBER 1823

Zondag 2 november 1823

Ingekomen post invnr 67. Visser vraagt voor de komende week É8000,-


Maandag 3 november 1823

Besluit volgens brievenboek invnr 20. Om op eenen partikulieren brief van den Heer J. Romkes te Leeuwarden aan den Heer Secretaris te antwoorden, dat zijn zoon op den proef, tegen het genot van É5:- 's weeks in de koloniŽn kan geŽmploy≠eerd worden.


Dinsdag 4 november 1823

Ingekomen post invnr 67. Brief van directeur Visser met ondermeer:
Ter beantwoording van en voldoening aan de missive der Permanente Kommissie van den 29 oct. ll. heb ik de eer, tot de inspectie en opname van het hoofdgebouw te Veenhui≠zen, voortestellen, den Heer Elsinga, meer≠malen met eenig direktie of toezigt over de gebouwen belast geweest.
P.S. ZWEd.Gest. de Heer Falck bevind zich thans te O.S. ten einde de adm. zaken aldaar te regelen en bespoedigen.


Uitgaande post invnr 354. Uit een missive aan den minister van binnenl zaken en waterstaat, kennisgevende `dat het transport bedelaars uit Amsterdam, geannonceerd bij missive vanwege Z: Exc: van dato 27 october ll, niet geheel zal hebben kunnen worden aangenomen.

Wij hebben de eer gehad, bij missive van den Heer Staatsraad Administrateur van het Armwezen en der gevangenissen van den 27 Oct ll, op heden te ontvangen eenen nominativen staat van 31 personen, welke uit Amsterdam naar het Etablissement aan de Ommerschans zouden zijn opgezonden.
Negen personen, daarop vermeld, zijn eigenlijk successief opgevatte deserteurs uit dat etablissement, van welker terugzending wij door de politie der stad Amsterdam geinformeerd waren, en tot welker wederopneming wij alzoo de direktie van de ommerschans hebben aangeschreven.
Daar wij noch van uwe excellentie noch van de Gouverneur van Noord-Holland zelven, eenige aanvrage om vermeerdering van het kontingent van plaatsen in het gem Etablissement (welk kontingent sedert een geruimen tijd reeds voltallig was, blijkens den staat, bij onze missive van den 18 oct ll aan uwe excellentie geexpedieerd) ontvangen hebben, noch vooraf van de gedane opzending zijn geinformeerd geworden, zoo is het te vrezen, dat de overige 22 personen, op dien staat vermeld, door de direkteur van het bedoeld etablissement, dewelke geene transporten boven de bepaalde kontingenten mag aaannemen, zijn afgewezen.
Wij hebben gemeend Uwe Exc hiervan onverwijld te moeten kennisgeven, teneinde het aan Uwe Exc: zoude blijken, dat indien het gevreesde mogt bewaarheid worden, het gebeurde niet aan deze Maatschappij te wijten zij.
(NB: transport is 12 oktober aangekomen)


Woensdag 5 november 1823

Ingekomen post invnr 67. Brief van de administrateur van het armen≠wezen over de als bedelaar opgepakte Gilles van der Windt. transcriptie.


Uitgaande post invnr 354. Uit een brief van de Permanente Commissie aan de subcommissie Haarlem:

Wij hebben de eer gehad in der tijd te ont≠vangen UWEd. missive van den 11 october ll, geleidende kopie van een ingekomen brief des kolonisten Karel Mulder en huisvrouw.
Alvorens UWEd. op den inhoud van dien brief te kunnen berigten en advyseren, moe≠ten wij ons in loco naar de gesteldheid van dat huisgezin informeren.
Dat geschied zijnde, moeten wij UWEd. in gemoede betuigen, dat het voorgeven der gem. kolonisten, omtrent de ziekelijkheid van Mulder met de waarheid overeenkomstig is, en dat zij hierdoor niet in staat zijn om door arbeid hun noodig onderhoud te verdienen, maar hunne voeding etc. voor een groot ge≠deelte steeds op schuld hebben moeten ont≠vangen: gelijk blijkt uit de buitengewone hooge som, welke als loopende schuld op het hierne≠vensgevoegd extrakt uit hunne reke≠ning met de M. staat uitgetrokken: om welke redenen het huisgezin van Mulder als onge≠schikt voor de kolonien moet beschouwd worden.
Wij zouden derhalve van gevoelen zijn, dat aan het gedaan verzoek om ontslag uit de koloniŽn, behoord te worden voldaan.
Voor ons zelve hebben wij ook hier niets tegen; terwijl UWEd. tegen verevening van de rek. van Mulder, volgens het gewoon gebruik, een ander meer geschikt huisgezin aan het welk de gelijk eerste verstrekkingen van klee≠ding, huisraad en gereedschappen voor het grootste gedeelte moeten worden gesup≠pleerd, in zijn plaats kunnen dispecifiŽren, ten ware het in plaats te zenden huisgezin de rekening van Mulder mogt willen overnemen, ten einde die door arbeidzaamheid en spaarzaamheid langzamerhand in het gelijk te brengen.



Donderdag 6 november 1823

Ingekomen post invnr 67. Brief van de provinciale commandant van Noord-Brabant over A.B. Rees. transcriptie.




Vrijdag 7 november 1823

7 november 1823. Besluit permanente commissie volgens brievenboek invnr 20. Om aan de directeur te schrijven (...) ZHEG te autoriseren om op de aanvraage des gouverneurs van Ggroningen, 2 abusief naar de Ommerschans opgezondene meisjes dadelijk te ontslaan.


Zaterdag 8 november 1823


Ingekomen post invnr 67. Brief van directeur Visser met ondermeer:

- opmerking over de aan te stellen luitenant Textor. transcriptie

VH Daar het de intentie der Permanente Kom≠missie is, om nog in de loop van dit jaar of vroeg in het volgende twee hoofdgebouwen te Veenhuizen aantebe≠steden, en zulks in de eerste plaats om daar mede vroegtijdig klaar te kunnen zijn, en ten tweede om daarin een middel van bezuiniging te vinden; zo is het ons tot bereiking van het laaste oogmerk vooral voorgekomen zeer doelmatig te zijn, dat nu van stonden aan, wierd gekocht het benodigde hout, ruw of ongezaagd, en dit dan voor rekening der Maatschappij te doen zaagen tot zodanige balken, ribben, deelen, enz. als tot de gebouwen benodigd zijn;
mogt de Permanente Kommissie mede van gevoe≠len wezen, dat door deze maatregelen de belangen der Maatschappij konden worden bevorderd, zoude het mij aangenaam zijn tot de uitvoering daarvan te worden geauthori≠seerd.

Hoewel ik mij niet herinner authorisatie tot de uitbetaling der gepre≠tendeerde schade≠vergoeding door boekweite landpachters in de markt van Husinge bij de Ommerschans van de Permanente Kommissie te hebben ontvangen, en ik derhalve ook geen permis≠sie daar toe aan den Heer Adjunkt Direkteur von Hoff heb verleend; is deze uitbetaling reeds voor eenig tijd door Zijn Wel Edel Ge≠strenge geschied; op het bekomen berigt daar van, heb ik den Heer Adjunkt Direkteur verzogt, de gelden om bovengenoemde re≠den niet in uitgaaf te brengen; hopende in≠middels ten gevolge het berigt welke ik be≠trekkelijk de bewuste schadevergoeding bij de mijne van den 7 juny no.323 de eer had de Permanente Kommissie te geven, tot die uitbetaling te worden gemagtigd en alzoo de werkelijk uitbetaalde sommen, in de rekening van den Heer von Hoff te kunnen valideeren: dan hier op te vergeefs wagtende, heb ik eindelijk gemeend om meer dan eenen reden deze zaak ter kennis van de Permanente Kommissie te moeten brengen, en haar te solliciteren, mij tot de bewuste voldoening te authoriseren, of ingeval dit, om bij de Perma≠nente Kommissie voldoende redenen, niet kan geschikden mij te informeeren hoedanig mij verder in deze, betrekkelijk den Heer von Hoff te gedragen.
De Heer Falck, te Ommerschans tot bespoediging der administrative werkzaamhe≠den zich bevindende, meldt mij bij Zijn Wel≠Ed. Gestr. missive van gisteren het volgende. "heden zend ik aan de Heer Reese de ont≠breken≠de stukken over july, met de espresse van zaturdag hoop ik aug. intezenden; sept. zal ik toekomende week medebrengen en oct. zo ver op tour zetten dat de spoedig kan volgen"; het zal de Permanente Kommissie niet onaange≠naam zijn hier uit te kunnen ontwaren, dat wij nu spoedig in de gelegen≠heid zullen zijn, de agterstallige maanden aan haar te kunnen inzenden.
Verder informeert mij de Heer Falck dat te Ommerschans ontbreken roode rokken, mans halsdoeken, id. petten, hemden en beddelakens; het zoude mij aangenaam zijn indien door het zenden van baaij en linens na dat instituut, door de Permanente Kommissie in die behoefte kon worden voor≠zien.

VH De pannen thans verwerkt zijnde, is de Heer Adjunkt Direkteur van Lemel in staat geweest te kunne opnemen het getal, geheel of ge≠deeltelijk onbruik≠baare onder dezelven en dus te kunnen berekenen, hoe veel van ge≠noemde pretentie naar billijkheid behoord te worden afgetrokken, of niet uitbetaald.

- PS-je over de aan te stellen luitenant Textor. transcriptie


8 november 1823 Ingekomen post volgens brievenboek invnr 20. Administrateur armenwezen, meldt geene stellige dispositie op de jaarlijksche voordragten van ontslag uit de Ommerschans te zullen kunnen nemen, - en verzoekt dat dezelve in january van elk jaar worden ingezonden → Notificatie.

Besluit permanente commissie invnr 356(?) of 354, over de verdeling van 500 arbeidershuisgezinnen in Veenhuizen. transcriptie



8 november 1823, Concept Besluit Huishoudelijke Inrichtingen voor het Instituut te Veenhuizen invnr 988

Het eerste gedeelte gaat over weeskinderen. transcriptie

Het tweede gedeelte gaat over arbeidershuisgezinnen. transcriptie





Zondag 9 november 1823

Ingekomen post invnr 67. Johan Romkes uit Leeuwarden accepteert de aanstelling van zijn zoon in de administratie voor een proeftijd van zes weken. Hij vraagt waar zijn zoon zich moet melden om zijn dienst te beginnen.






Maandag 10 november 1823

10 november 1823 Gemeente: Vledder, overlijdensakte Martinus Alblas.transcriptie

Ingekomen post invnr 67. Brief van de subcommissie Amster≠dam met ondermeer:
Veel klachten zijn er over de kwaliteit van het linnen ingekomen en algemeen is het veel slechter dan in de vorige jaren gevonden: wij menen het daar aan, en gedeeltelijk ook aan de uitdeeling van meer jaren te gelijk en op eens, te moeten toeschrijven dat verre de meeste inschrijvingen voor 1823 en vervol≠gens ingetrokken en opgezegt zijn.

Ingekomen post invnr 67. Brief van J.H. Kalbfleisch uit Veere aan P. van Hemert:
transcriptie


Besluit der permanente commissie volgens brievenboek invnr 20. Vooral over geakkordeerde sommen en verantwoording over juli jl, plus: de aanstelling tot zaalopziener of wijkmeester van W. Nieuwenhuis,


Dinsdag 11 november 1823

Ingekomen post volgens brievenboek invnr 20. Brief administrateur armenwezen, approbeert den voorgestelden termijn van verschijning van het bestedingjaar der 1000 bedelaars op 5 oct; en zal voor de voldoening van het verschenen jaar zorg dragen.

Gemeentearchief Ommen, Stad Ommen Ingekomen stukken 1823-1824. Brief gouverneur Overijssel aan burgemeester Ommen

Zwolle, den 10e november 1823

Den Heer Staatsraad administrateur van het armwezen en der gevangenissen heeft mij gemeld, bij deszelfs missive van den 31e October ll No 404, dat, Ernst van Woutenberg, die als bedelaar, den 6e january dezes jaars, uit Ommen, naar de Ommerschans was vervoerd, in het gesticht aldaar, op den 8e Mey ll is overleden.
Ik geef UEd hiervan mits dezen kennis, om te strekken tot informatie.

De Gouverneur van de Provincie Overijssel


Woensdag 12 november 1823

Ingekomen post invnr 67. Uit een brief van de subcommissie Monni≠kendam aan de Permanente Commissie:
Zin over Teunis van Waveren,transcriptie

Uitgaande post invnr 354. Missive aan Z. Exc den minister van Binnenl Zaken en Waters, houdende kennisgeving dat de Maatschappij tot de overneming van de 1e 400 kinderen der gekontrakteerde 4000 gereed is.

Donderdag 13 november 1823

Besluit der permanente commissie volgens brievenboek invnr 20. Om den Heer Direkteur
(...)
- te berigten de aanneming en het vertrek van het huisgezin A.B. Rees. vermelding
(...)
- en van den zaalop≠ziender Brand te Dinant
(..).
- en de aanstelling van den luit. Textor tot onder Direkteur. vermelding.


Vrijdag 14 november 1823

Ingekomen post invnr 67. Brief van de subcommissie Dokkum over Douwe Petrus van Steenwijk.transcriptie


Uitgaande post invnr 354. Missive van dankzegging aan den Koning betreffende Hoogstdeszelfs besluit van den 26 Oct 1823 N34 wegens P. Lindeman G.A. van Veen, en van alle reeds bij de Maatschappij in dienst zijnde militaire ambtenaren


Brandverzekering, invnrs 1295-1296. Zie voor algemene informatie deze pagina
en voor wat betreft de Ommerschans. transcriptie




Zaterdag 15 november 1823

Ingekomen post invnr 67. Brief van Ameshoff aan de Perma≠nente Commissie met ondermeer over het vervoer van A.B. Rees. transcriptie


Ingekomen post invnr 67. Uit een brief van directeur Visser aan de Permanente Commissie:
... te rescriberen op die van den 10, no. 24/11 dat het bewuste transport bedelaars van Amsterdam, werkelijk te Ommerschans is aangekomen en in het instituut opgenomen, blijkens bijgevoegde staat van aangekomen bede≠laars op onderscheidene datums.
Ik vind mij verpligt de Permanente Kom≠missie te observeeren dat ik van deeze aan≠komst geen kennis heb gedragen dan bij het ontvangen der gemelde staat op den 7 dee≠zer, niettegenstaande de missieve der Per≠ma≠nente Kommissie dato 28 augustus no. 15/8 ter kennis is gebragt van den Heer Adj. Direkteur von Hoff.
Ik zal ZWEdGestr: daar aan herinneren met kennisgeving, dat het den uitdrukkelijken wil is der Permanente Kommissie, er geen bedelaars worden aangenomen boven de aangegewezen contingenten of die afzonder≠lijk door haar zijn geannonceert, met invitatie zich naar te gedragen.

Verder vind ik mij verpligt ter kennis van de Permanente Kommissie te brengen dat Ma≠rijtje Pieters Meijs van Texel, geadvijseerd bij missive der Permanente Kommissie dato 29 september no. 66/9, zich sedert eenige maanden, dus voor haar aankomst in de kolonie, bevind in een zwangeren staat, en te verzoeken mij te willen informeeren hoedanig daar mede te handelen.

Ingekomen post volgens brievenboek invnr 20. Brief administrateur over de bedelaar A.G. Bo(o)de. transcriptie

15 november 1823 Ingekomen post volgens brievenboek invnr 20. Brief van P. O. van der Chijs, meldt dat op zijne bemoeijingen reeds 163 studenten leden hunne kontributie voor 1823 hebben voldaan; zich vleyende met meerdere deelneming
Bedankt 22 nov. Van der Chijs voorgedragen tot honorair lid not 20 id art 15.

15 november 1823, Ingekomen post volgens brievenboek invnr 20. Administrateur stuurt rekwest van K. van Ameide

15 november 1823 Uitgaande post invnr 354. Mmissive van dankzegging aan den Kommissaris Generaal van Oorlog, voor deszelfs verleend gunstige intercessie tot het verkrijgen van het besluit van 26 Octoner ll N34

Maandag 17 november 1823

Uitgaande post invnr 354. Brief van de Permanente Commissie aan de Gouverneur van Overijssel over geneesheer Swart op de Ommerschans. transcriptie


17 november 1823 Uitgaande post invnr 354. Missive aan den minister van binnenl zaken en W, deszelfs intencie vragende omtrent de door den Gouverneur van NoordHolland voorgestelde tarieven van transportkosten van uit Hoorn en Amsterdam op te zenden bedelaars.

17 november 1823 Uitgaande post invnr 354. Missive aan Z.K.H. Prins Frederik, houdende kennisgeving van de oproeping tot in diensttreding van den tot zaalopziener te Veenhuizen benoemde Kondukteur Brand te Dinant, in antwoord op Hoogstdeszelfs brief van den 12 te voren.


Woensdag 19 november 1823


Ingekomen post invnr 67. Brief van Fenner aan de Permanente Com≠missie:
transcriptie

Ingekomen post invnr 67. Visser stuurt contracten, tekeningen etc. voor de bouw van werkplaatsen en een afschei≠ding binnen het hoofdgebouw van Veenhui≠zen.

Ingekomen post invnr 67. Visser stuurt de maandstaat van juli.


Donderdag 20 november 1823


Besluit der permanente commissie volgens brievenboek invnr 20.

Besluit der permanente commissie volgens brievenboek invnr 20. Om aan den Heer Direkteur te verzoeken G. van der Windt uit de O.Schans te ontslaan & te melden de weigering van het Alg Armbestuur te Rotterdam in het verzoek om ontslag van D. van Jeveren

Ingekomen post invnr 67. Brief van de subcommissie Den Haag met onder andere stukje over M. Guermin geboren Rolland.
transcriptie
Bijgevoegd brief van M. Guemin.:transcriptie


Vrijdag 21 november 1823


Ingekomen post invnr 67. Brief van de subcommissie Zaandam aan de Permanente Commissie, invnr 67.transcriptie:

Ingekomen post invnr 67. Brief van Fenner aan de Permanente Com≠missie:
transcriptie


Zaterdag 22 november 1823


Ingekomen post invnr 67. Brief van directeur Visser met ondermeer:

Over Teunis van Waveren en Jacoba van Nieuwenhuizen.transcriptie

Over de aan te stellen luitenant Textor. transcriptie

Over Cornelia Elisabeth en Anthonie Ja≠cob van Alphen. transcriptie

Verder volgens brievenboek invnr 20: adviseert de zoon van Franken niet te ontslaan, geeft opheldering wegens de in de Ommerschans benoodigde kleeding, met ramingen

Ingekomen post volgens brievenboek Ingekomen post volgens brievenboek invnr 20. . Brief subcie Zutphen, draagt voor het gezin van Jan Harmen Maalderink, sterk 5 hoofden, voor Veenhuizen


Zondag 23 november 1823


Ingekomen post volgens brievenboek invnr 20. Brief C. Sepp, verzoekt een legaal bewijs van het tarief, volgens 't welk hij in de Ommerschans voor ingebragte bedelaars wegens transport kosten betaald is;  ten einde voor de teruggebragte Invaliden mede naar dat tarief door de Sted. Regering voor kosten, betaald te worden.
Opgezonden aan den directeur voor elucidatie, 27 november, zie N 112/11, not 26 nov art 19


Maandag 24 november 1823


Ingekomen post invnr 67. Brief van Johannes vd Bosch aan de Perma≠nente Commissie:

Frederiksoord den 24 november 1823
WelEdele Heren!
Ik heb ontvangen neffensgaande missive van den Generaal Meijer, ik heb gemeend UWEd die te moeten mededelen, ten einde nate≠gaan of er termen zijn zouden om deswe≠gens nadere bepalingen voor te dragen. Mij≠nes inziens ligt het altijd in het belang der Maatschappij die gemeentens te bevoordelen tot welke welke de kolonien gezegd kunnen worden te behoren, uithoofde zij de last heb≠ben van de civile stand te houden en dikwerf de Maatschappij van dienst kunnen zijn. Uit dien hoofden zou ik in consideratie geven den Heer Generaal Meyer van wegen de Permanente Kommissie te berigten, dat zijn voorstel in nadere overweging genomen wor≠den zal, maar de Permanente Kommissie daarin zonder nadere authorisatie geene verandering maken kan.
Ik heb de eer met de meeste hoogach≠ting te zijn

WelEdele Heeren
UWelEd. DWDienaar
J. van den Bosch

Bijgevoegd is de brief van Generaal-Majoor Meyer, waarin deze schrijft dat veel kolonis≠ten vrijwillig in dienst treden en dat dit in het voordeel is van de gemeenten waar de kolo≠niŽn liggen, zoals bijvoorbeeld Ommen. Hij stelt voor dat de kolonisten niet gebonden worden aan een gemeente, maar aan heel het rijk.


Ingekomen post invnr 67. Brief van directeur Visser aan de Permanente Commissie:

Bij het inwerking brengen van het besluit der Perm. Kommissie dd. (ruimte opengelaten) sept: betrekkelijk de verpligting den kolonis≠ten tot het betalen van É1,50 per week voor kleding, vond de vrouw van den huisverzor≠ger Dijkstra kol. N3 zich hierdoor bezwaard en ging zonder verlof naar Harlingen, ten einde zich bij HH besteders te beklagen; ten gevolge daar van ontving ik de brief waar van kopie, benevens afschrift van mijn antwoord op denzelve hiernevens gaat en ten einde de Permanente Kommissie met deeze huisver≠zorger eenigzints bekend te maken, en haar in staat te stellen, ingeval de sub. komm. te Harlingen zich hier om aan de Perm. Komm. mogt adresseren, deze te kunnen berigten; dient het volgende. Dijkstra is gekomen in plaats van Leba, hij was bij lang voor zijnen komst te Willemsoord ziek en zwak en in die tijd verliet hij niet het bed of de hoek van den haard, is dus alleronge≠schiktst voor zijne betrekking; hij, verder ziende dat aan hun eene ruime mate van aardappelen, brood, vleesch en geld - de gewone verstrekking aan huisverzorgers - wierd gegeven, bekom≠merde zich niet het minste of zijne wezen veel of weinig verdienden, met dat gevolg dat wekelijksch schuld wierdt gemaakt; hoewel anders de jaren en kragten der kinderen toereikend zouden geweest zijn, dit voorteko≠men. Ten minste zeker met eenige hulp van den huisverzorger, al ware het dat hij slegts de werkzaamheden bij huis maar doe - nu telkens eene der kinderen moeste worden genomen - had verrigt; dat voorts de kinde≠ren bij de tegenwoordige order van zaken nog zeer goed in staat zijn, zoo veel te ver≠dienen als nodig is om in alle behoeften, boven de verstrekking van brood, aardappe≠len en na betaling van É1,50 per week te voorzien; waarom dus de ingebragte klagten geheel ongegrond zijn.
Ten slotte neem ik de vrijheid de Perma≠nente Komm. in overdenking te geeven, of niet de subkommissie te Harlingen kon wor≠den verpligt tot het zenden van een ander en bekwamer huisverzorger, of dat de Maat≠schappij daarin zoude voorzien; of welk dat de kinderen naar het etablissement te Veen≠huizen wierden overgebragt.

Bijgevoegd:
Bij ons heeft zich vervoegd de huisvrouw van Anske Dijkstra, huisverzorger in de kolonie Willemsoord, welke te kennen heeft gegeven, dat op den 11 dezer de gewone ander aan haar uitgereikt wordende kaartjes niet waren verstrekt, en dat volgens opgave van den wijkmeester dezelve algemeen en voor het vervolg zouden worden ingehouden, dat zij daardoor in de grootste verlegen≠heid zich bevonde, zijnde nu volstrekt buiten staat de zich haar toevertrouwde wezen van het nodi≠ge te voorzien, daar zij van geen enkel brood, aardappe≠len en 12? pond vleesch per week kunnen leven, aangezien zij nu niets in handen heeft nog van de oververdiensten der kinderen te wagten, om zelfs in de noodzake≠lijkste behoeften van zout, zeep, olie enz. te voorzien, waarom zij dan zoo mogelijk onze ondersteuning verzocht of wel dat haar de gewone kaartjes weder mogten worden gege≠ven.
Wat hier nu van zij is ons onbekend, dan deze vrouw geloven wij anders dat voor hare post als huisverzorgster zeer geschikt is, en dat de Directie in aanmerking der ongelukki≠ge omstandigheden van hare man reden zal hebben te vreden te zijn, terwijl wij ook tot haar lof moeten zeggen dat zij altijd zeer vergenoegd is geweest, veel minder eenige klagten ooit heeft ingebragt, nog van de kin≠deren zijn ingekomen.
Het zal ons bijzonder aangenaam zijn van UEdG. met eenige regelen te mogen worden onderrigt of de gemelde ingebragte bezwaren werkelijk bestaan en of daarin ook van wege de Direktie zal of kan worden voor≠zien, ten einde ons in staat te bevinden aan Heeren Weesvoogden dezer stad de kontra≠kanten te dezen dienaangaande op Hun Ede≠le gedane aanvrage te kunnen inlichten.

Het antwoord van Visser:
Hoe wel niet geauthoriseerd om met eenige subkommissies in korresponden≠tie te treden, is ter beantwoording uwer missive dd. 15 dezer dienende dat de bewuste huisverzorg≠ster, mogelijk waarheid gezegd, maar zeker waarheid heeft gezwegen; voorts dat door het invoeren van een besluit der Permanen≠te Kommissie dit huisgezin zoo min als eenig ander welke zijn behoorlijk pligt betonen, iets is te kort gedaan, maar integendeel, zich ruime middelen kan verschaffen om in alle die behoeften welke zij heeft opgenoemd te voorzien.
Ik kan verder niet voorbij deze gelegen≠heid te arriveeren(?) om ons wel degelijk over de ongeschiktheid dezer vrouw, maar veel meer over die haars mans als huisver≠zorger te beklagen, terwijl die als onbekwaam tot enige arbeid, zelfs niet in staat schijnt te wezen om de aan zijne zorgen toevertrouwde wezen, op eene behoorlijke wijze tot nijver≠heid aantesporen. 67)

24 november 1823 Uitgaande post invnr 354. Missive aan den minister van Binnenlandse Zaken over de als bedelaar opgepakte Gilles de Windt. vermelding

24 november 1823 Uitgaande post invnr 354. Missive aan zijne exc: den minister van binnen zaken, ten geleide van de additionele artikelen in duplo voor de afzonderlijke vestiging van half valide bedelaars
Op 19 september had de minister het voorlopig goedgekeurd

24 november 1823 Uitgaande post invnr 354. Missive aan Z. Exc den minister van binnenl Zaken, houdende kennisgeving van den aanvang van den 4e termijn van betaling der bestedingspenningen voor 200 bedelaars ind 1 feb 1823.
Op 12 oktober was het getal opgezonden bedelaars 1150


Dinsdag 25 november 1823


Ingekomen post invnr 67 scan 418. Brief van de subcommissie Harlingen over de kolonist Broer Wytzes Blom. transcriptie



Woensdag 26 november 1823


Besluit der permanente commissie volgens brievenboek invnr 20. Te vragen of de Heer Ames≠hoff gelegenheid heeft, ingevolge vroegere toezegging de voor de kol. op nieuw benood≠igde Bijbels en gezang≠boeken van wege het Bijbelgenootschap te bezorgen.

Ingekomen post invnr 67. Brief van Pielebout uit Zwolle aan de Permanente Commissie, transcriptie




Vrijdag 28 november 1823


Ingekomen post invnr 67. Brief van de subcommissie Leiden gedateerd 28 november 1823 met voordracht van twee arbeidersgezinnen, waaronder Matthijs van der Heijde.transcriptie
Met ook
1) alinea over Teunis van Waveren en Jacoba van Nieuwenhuizen. transcriptie

2) Stuk over de ingedeelde bij proefkolonist Van der Heijde.transcriptie

28 november 1823  Ingekomen post volgens brievenboek invnr 20. Ggouverneur Utrecht, verzoekt informatien intewinnen bij de bedelaars xxx, yyy en zzz, waar dezelve bepaaldelijk vůůr hunne opzending gedomicilieerd hebben.

28 november 1823 Uitgaande post invnr 354. Missive aan Z. Exc. den minister van BZ, denzelven kennis gevende van de aanneming van het transport uit Amsterdam

28 november 1823 Uitgaande post invnr 354. Missive aan Z. Exc. den minister BZ, terugzendende het aan de PK gerenvoyeerde rekwest van K. van Ameide, ontslag uit de Ommerschans verzoekende. Het rekwest is dat hij ontslag wil 'uit hoofde van de ongegrondheid der redenen waarom hij derwaards zoude zijn opgezonden'. 'Daar alles wat de opzending van bedelaars betreft geheel buiten onze betrekking ligt'.
Betreft hoofdnummer 823

28 november 1823 Uitgaande post invnr 354. Missive aan den minister BZ houdende berigt dat er wederom voor 400 kinderen in het Etabl te Veenhuizen plaats is (opschrift op uitgaande brief invnr 354)


Zaterdag 29 november 1823

Ingekomen post invnr 67. De gouverneur van Overijssel stuurt het oor≠deel van de provinciale genees≠kundige com≠missie over de aanstelling van Swart tot heelmeester in de Ommerschans. transcriptie




Zondag 30 november 1823

Ingekomen post invnr 67. Brief van directeur Visser, met onder andere:

- opmerking over M. Guermin geb. Roland. transcriptie

- opmerking over arbeidershuisgezinnen. transcriptie

- Over de schulden van de gedeserteerde kolonist Thesing.
transcriptie



Ingekomen post invnr 67. Brief van de subcommissie Leeuwar≠den aan de Permanente Com≠missie met voordracht van het arbeidersgezin Daan.transcriptie:

Ingekomen post invnr 67. De subcommissie Zijpe stuurt een copie van een brief aan haar gestuurd door de kolonist Veen:
Daar ik in het begin van juny 1820 ben hier≠na toe vertrokken zoo als UE bewust is, dat gij ons toen twee kinderen uit het armhuis hebt mede gegeven en ons toen gezegd hebt, dat wij daar geen schaad aan hadden, wij daar extra voor beloond wierden. Doch tot heden hebben wij er nog geen duit van ont≠vangen, noch vermindering op onze schuld er voor. Voor 14 dagen is de oogst verrekend en toe hebben anderen, die wezen hier ge≠kregen hebben, er 25 gulden of daaromtrent voor in rekening gekregen; doch ik geen duit, wijl ze mij hier worden aangemerkt als mijn eigen kinderen. Nu laat ik de Heeren oordee≠len of ik van de verdienste van die jongens ze kan kost en kleren geven, wijl als ik haar geheele verdienste gedurende de 3 jaar door elkander reken, ik geene 6 stuivers per week kan houden enz.
Symen Veen
op de 2: kolonie Frederiksoord te Westerbeek Sloot N36