Naar het overzicht
van de POST







De POST van JULI 1822

Maandag 1 juli 1822

Ingekomen post invnr 62. Bij Koninklijk Besluit wordt aan de Maat­schappij toegezegd ƒ500,- voor het onder­houden van een katholieke eredienst in de koloniën, ƒ300,- voor twee woonvertrekken en ƒ600,- salaris voor een kapelaan.



Dinsdag 2 juli 1822

Ingekomen post invnr 62. Visser stuurt de gerectificeerde stukken over december 1821, januari, februari en maart 1822.

2 juli 1822, Koncept-missive aan ZKH den Kroonprins, en de leden der Kommissie van Weldadigheid en van Toevoorzigt ter beschrijving ter algemeene vergaderingen op den 22 en 23 juli, (opschrift op uitgaande brief invnr 353)


4 juli 1822

4 juli 1822, Koncept. Missive aan ZKH Prins Frederik, houdende opgave van de punten van beschrijving voor de Algemeene Vergadering den 22e july 1822 en verzending van 109 mandaten model 1 ter teekening, (opschrift op uitgaande brief invnr 353)

diakenen haarlem maar weer eens, verzoeken een spoedig effekt van het met hen aangegane kontrakt ter overname van zeker huisgezin, te bewerken / geantwoord dat de opzending de 20ste kan. (brievenboek invnr 20)
- J.J. van Vollenhoven te Amsterdam, meldt de terugkering naar de koln van den daaruit onlangs gedeserteerden P.J.Polman, bij kontrakt overgenomen; verzoekende hem desnoods strenger te surveilleren. (brievenboek invnr 20)


Vrijdag 5 juli 1822

Ingekomen post invnr 62. Uit een brief van Prins Frederik aan de Per­manente Kommissie, samenvatting: brief van prins Frederik, meldt bij de gezondene punten van beschrijving geene andere te voegen te hebben, iets met mandaten, geeft zijne tevredenheid te kennen over den werkelijken staat der kolonien en de Ommerschans door hoogstdenzelven den 26-28 jl bezocht. (brievenboek invnr 20):

Tevens kan ik niet nalaten ter kennisse van de Permanente Commissie te brengen dat ik den 26, 27 en 28 der maand juny de kolonien en de Ommer­schans bezocht heb, en zulks met het grootst genoegen, daar ik mij over­tuigd heb dat alles in den best mogelijken staat is, en er ongemeen groote vorde­rin­gen gemaakt zijn. Zeker zijn zulke uitkomsten de beste en aangenaamste belooningen voor den ijver en de onafgebrokene werkzaamhe­den der leden der Permanente Commissie en voor die dergeene aan welke zij de uitvoering daar ter plaatse toevertrouwt heeft, welke boven allen verheven zijn.
Met de gevoelens der ware achting noe­me ik mij
van de Permanente Commissie

de zeer toegenegene dienaar

Frederiks Pr. der Nederlanden

5 juli 1822, subcie Meppel meldt benoeming A de Koning tot president en H.J. Oosting tot secretaris en thesaurier (uit brievenboek invnr 20) NAAR SUBCOMMISSIE



Ingekomen post invnr 62. Uit een brief van de subcommissie Sloten aan de Permanente Commissie:

Ook hebben de Algemene Armenverzorgers alhier aan de subkommissie te kennen gege­ven dat zij het weesmeisje Geeske Durks Gadsonides, in 1818 geplaatst in de kolonie Frederiksoord, met primo november aan­staande te rug begeerden, om haar in de groote Maatschappij te plaatsen.


6 juli 1822

Subcommissie Schiedam, stamlijsten van door armbestuur gekontrakteerde kinderen en gezin (brievenboek invnr 20)

6 juli 1822, J. Kol te Utrecht, retourneert het ontwerp van bedelaars, met berigt dat noch ZE noch de Hr Van Nes, daarop eenige aanmerkingen heeft. (brievenboek invnr 20)

6 juli 1822, J. Nieuwenhuis zal ter algemene vergadering komen. (brievenboek invnr 20)

6 juli 1822, subcommissie Hoorn, meldt over 1821 geene ontvangsten gehad, noch uitgaven gedaan te hebben, en ook geene werkzaamheden meer te zullen doen, al vorens aan hare laatste missive niet voldoende is beantwoord
Not 15 juli art 7. (uit brievenboek invnr 20)


Maandag 7 juli 1822

Ingekomen post invnr 62. Uit een brief van directeur Visser aan de Permanente Commissie:

- over de vrfaag of proefkolonist Tersmetten die zich heeft bedronken zijn zilveren medaille mag houden. transcriptie

Bijgevoegd is het maandelijks schoolverslag:
http://www.schackmann.nl/proefkolonie/Onderwijs/1822_00Schoolverslagen.html

7 juli 1822, Directeur, o.a. over de aangekomen Texelse gezinnen, mutatiestaat personeel over juni, schoolrapport, meldt de desertie van de kolonist Zuidhoorn en andermaal van van Banschenkamp, en vraagt bepaling omtrent de teruggave van den door de raad van opzieners aan de kol ter Smette om dronkenschap ontnomen medaille met Z Ed advys. (uit brievenboek invnr 20)


11 juli 1822

11 juli 1822, Dankbrief aan den Koning voor Hoogstdeszelfs ontvangen besluit van 1 juli 1822, accorderende voor de R.K. kolonisten in de kolonien f 500:- voor kerkapparaat, f 300:- voor een verblijf des kapelaans, en f 600:- jaarlijksche traktement aan een adjunkt-kapelaan ten dienste der kolonien.  (= opschrift op uitgaande brief invnr 353)


Zaterdag 12 juli 1822

Uit het brievenboek:
- Diakonen der Vereenigde Doopsgezinde Gemeente te Haarlem, zendt in de stamlijst en verdere stukken van het door hen op 20 dezer, volgens kontrakt af te zenden gezin van A. de Hahn, sterk 7 hoofden
Notificatie. (uit brievenboek invnr 20)
- Direkteur der koloniën. Berigt en advyseert op het verzocht ontslag uit de koln van 't ge­zin van A. de Jong uit Rotterdam, en omtrent de wijze van deszelfs vervanging. Zoo ook wegens de bevinding van de 3 Texelsche huisgezinnen. Meldt dat de gedeserteerde Poelman nog niet is teruggekomen. En van nieuw gevestigde huisverz. nader opgave te zullen doen. 20)



Maandag 14 juli 1822

Ingekomen post invnr 62. Visser denkt voor de komende week ƒ3500,- nodig te hebben.


Ingekomen post invnr 62. Visser geeft opheldering over onduidelijke wissels.


Ingekomen post invnr 62. Visser meldt de verzending van de boeken der koloniën: meldt de afzending op den 13 dezer van de rekening-boeken in het bijzonder van kol N1, 2, 3, 4 en 6, zullende dat van de Ommerschans volgen.



Dinsdag 15 juli 1822

Johannes Molenaar en gezin als hoevenaars naar de Ommerschans.

15 juli 1822
- ZKH Prins Frederik der Nederlanden, zendt in een van 't Departement van Oorlog ontvangen Staat van gepasporteerde onderofficieren en manschappen in Jan, Feb en Maart, naar aanleiding van Z.M.'s besluit van 14 december 1821 (en 2 stukes sollicitaties wo Pielebout uit Zwolle). (brievenboek invnr 20)



Woensdag 16 juli 1822

Ingekomen post invnr 62. Uit een brief van directeur Visser aan de Permanente Commissie:

Stukje over de kortstondige kolonist F. de Bruin uit Delft, invnr 62 scan 197.transcriptie

Ik kan niet voorbij de Permanente Kom­missie bij deeze gelegenheid ook te informe­ren dat, de kolonist Montanus, geadvijseerd bij hare missive van den 24. der vorige maand no.71/6 waarin zij tevens haar verlan­gen ter kennis gaf om reden daar bij vermeld dat gen. persoon in eene administratie­ve betrekking wierdt geemploijeerd: zich be­klaagt - evenwel tot nog toe buiten mij - dat de aan hem gedane beloften hier niet worden vervuld, als moetende hij volgens zijn oordeel genieten de inkomsten van kolonist, en daar boven de verdiensten ven een boekhouder, dat is ƒ7,- per week, terwijl hem in alles slegts ƒ3,50 wordt toegelegt; welke laatste som hij nauwelijks kan verdienen, zijnde een mediocre adsistent en nimmer een boekhou­der: dienende tot verdere inligting aangaande dit huisgezin, dat het van alle huisraad is voorzien, onder andere een grote spiegel met vergulde randen, engelsche lamp, verguld thee servies etc., dat de vrouw bij hare aan­komst zich be­klaagd over een steenen vloer, dat zij daar op geen tapijten kon leggen, dat zij hier geen patent olij kunnen bekomen, zich met kaarsen zouden behelpen enz.

mediocre = middelmatig
Rode Kloosterhuis: Johannes Jacob Monta­nus (9-6-1774 - 14-7-1848), hervormd uit Utrecht en getrouwd met Johanna Maria Hogewegh. Twee kinderen, mogelijk vier. Op 16-7-1822 geplaatst in Wilhelminaoord, ver­zoekt in september ontslag en wordt vervan­gen. Kennelijk blijft hij toch want hij wordt als geëmployeerde in de boeken genoemd. In 1842 werkt hij op het Algemeen Bureau. Hij was van origine winkelier.


Ingekomen post invnr 62. Visser stuurt een stuk betreffende de Om­merschans.

16 juli 1822, N38/7, Missive aan Zijne Exc den Heer Minister van Justitie, houdende de bij deszelfs missive N75/7 1822 verlangde opgave van de voorwaarden ter overname bij kontrakt van kinderen in de vrije koln , voor den tijd van 16 jaren, en voor een onbepaalden tijd, - à F45:- a à f 60:-. (= opschrift op uitgaande brief invnr 353)

16 juli 1822, besluit der PK om de directeur te schrijven, oa: medetedelen de bevinding van eene mindere kwantiteit(?) garens van die van de Ommerschans, bij de bezending den 9 july 1822 uit de koln gezonden, dan op de faktuur vermeld wordt. (brievenboek invnr 20)


Donderdag 17 juli 1822

Ingekomen post invnr 62. Uit een brief van adjunct-directeur Van Hoff / Vonhoff aan Johannes vd Bosch:

De regeering van Ommen heeft zeedert 8 dagen vrij stellig gederigeerd om de schapen der kolonie langer op de gemeenen waar­gronden toetelaaten, waar dezelve tot nu toe geweidt hebben. Zij wil derzelver weiderecht strict op de reeds afgestaane - en nu welras allemal gecultiveerde - gronden bepaalen en geeft voor, tot deeze onvriendschappelijke nieuwigheid door UwHoogEdel­Gestrenge zelf gemagtigd te zijn. Daar eenige onpartijdige lieden deezer regeering het met mij eens zijn, dat van zijden van de gemeente voorn. nog niet ten vollen aan het contract voldaan is, bij hetwelk de afgestaane gronden van gemeen­tegronden tot eigendom der Maatschappij overgingen, dat dus het gemeene weiderecht der nieuwen eigenaar dezer gronden zich noch over de geheele weidegronden uitstrekt, dat verders nog geen bepaalin­gen gemaakt zijn, die aan de Schans dezelver deelgenoot­schap in de weide geene burgers in buurt van Ommen ontzegd, zoo hebb ik op aan­drongen, dat alles in statu quo gelaten wor­den, tot dat ik van UHoog­EdelGestrenge nadere beveelen daaromtrent had ingewon­nen, en zal ik het tot daarheen daarop laaten aankomen, of die Heeren derzelver gedreigde maatregelen in werking durven te brengen.

De kapitein bericht voorts dat hij de kosten van de bouw van zijn huis aan de Ommer­schans van f3800,- naar ƒ2600,- heeft weten terug te brengen, maar dat hij spoedig met de bouw wil beginnen daar zijn famillie over 4 weken terug in het land is.



Zaterdag 19 juli 1822

Ingekomen post invnr 62. Visser beantwoord enkele vragen en stuurt koloniale berichten voor de Star.


Ingekomen post invnr 62. Brief van Sipke Kloppenburg aan de Perma­nente Commissie. transcriptie




Zondag 20 juli 1822


Visser stuurt de stukken van de steenbakke­rij, de turfgraverij en de kalkbran­derij. 62)

20 juli 1822, besluit PK om de direkteur te schrijven, om: te verzoeken om den Onderdirekt Fenner dringend aanteschrijven, van te zorgen dat er in de Ommerschans geene schulden meer worden gemaakt. (brievenboek invnr 20)

20 juli 1822, ingekomen via Johannes, eene missive van den Hr S J van Royen te Vledder, op den 15e juli ll gedane koop van 5 percelen van onroerende goederen, in de marken Vaasen en Arien, in de schoutambt Ommen. (brievenboek invnr 20)

Uit een brief van de subcommissie Gouda aan de Permanente Commissie:

Bij de subkommissie alhier heden ontvangen zijnde een brief van Sent Vergeer welke zich schijnt te beklagen in de kolonie niet te kun­nen worden getolereerd. Zoo neemt dezelve de vrijheid UEd dezelve missive hiernevens ter lecture toetezenden met vriendelijk ver­zoek haar wel omtrent deze zaak te willen elucideeren alzoo uit de brief zelve haar de­zelve duister voorkomt. Deze Sent Vergeer was een der leden van het huisgezin door ons in october 1818 na de kolonie N1 opge­zonden, is geduurende  het verblijf aldaar getrouwd met de dochter van den kolonist Bodenstaf en toen dadelijk in dat huisgezin als een der leden van hetzelve door de direc­tie der kolonien ingedeeld geworden en ook alzo bij het terugkeeren van de wed. Vergeer - zijn moeder - in 1821 is blijven beschouwd geworden (gelijk hij zelf indien tusschentijd nog eens met een consent van den directeur in maart 1821 eenigen dagen hier heeft door­gebracht). Het is ons dus voorkomende dat deze persoon als tot het huishouden van de kolonist Bodenstaf behorende, ook aldaar dient te verblijven en geenzints ten laste dezer gemeente kan worden teruggezonden en ook niet op zichzelf als kolonist van dezel­ve kan worden aangemerkt. 62)

Geen brief van Vergeer gevonden.



Maandag 21 juli 1822

Uit een brief van directeur Visser aan de Permanente Kommissie:
Over Hoedemaker, zie webpagina Heeres


21 juli 1822, besluit der PK, om aan Z Exc de Minister van Marine 't gebruik der monsterschuit te vragen tegen 25e dezer, ter overvoering van den gen van den Bosch van Amsterd naar Zwartsluis. (brievenboek invnr 20)


22 juli 1822

22 juli 1822, besluit der PK, om aan Z.M. den Koning een voorstel te doen omtrent de beteugeling der bedelarij, door die te verbieden en de bedelenden in de etablissementen der Mij te vestigen, en wegens de vinding der bestedingssom van f 35,- per hoofd, in betrekking met de uitbreiding der deelneming in de Mij. (brievenboek invnr 20)


Woensdag 23 juli 1822


Uit het brievenboek:

Subkommissie Monnickedam. Zendt in eene missive van haren secretaris; herhalende en bevestigende zijne bevinding en de klagten van de Monnicke­damsche kolonisten; met verzoek deze zaak nu niet meer te vervolgen, en om de 7 bij diversen ingedeelde bestede­lingen, tot één huisgezin onder huisverzor­gers te brengen. 20)


Ingekomen post invnr 62. Uit een brief van directeur Visser aan de Permanente Commissie over De Haan en Kloppenburg. transcriptie





Donderdag 24 juli 1822


Visser stuurt de stukken over april. 62)



Zondag 27 juli 1822

Uit een brief van de subcommissie Amster­dam aan de Permanente Commis­sie:

Door wijkmeesteren, aan welke de invorde­ring der kwitantien wegens kontri­butien en giften voor dit lopende jaar verschuldigd, als naar gewoonte door ons was opgedragen; zijn tot ons leedwezen, over de onaangena­me en smadelijke bejegeningen, welke zij bij het aanbieden der kwitantien van een groot aantal van inteekenaren hebben moeten ondervinden, nadrukkelijke klagten ingebragt, waarbij zij ronduit verklaard hebben dien zaak voor het vervolg niet meer op zich te kunnen nemen, met instantelijk verzoek hun daarvan voor altoos te verschonen.

Ondertusschen heeft een vrij aanzienelijk getal van inteekenaren van de lijst van 1821 stellig verklaart, derzelver inschrijvingen voor dat jaar als extraordi­nair en als voor eens geschied te willen beschouwd hebben en op die grond de voldoening daarvan zoo voor het thans lopende jaar als voor vervolg ge­weigert. 62)


Visser stuurt ondermeer het bestek voor het bouwen van hoeven aan de Ommerschans en voor de verbetering van een huis ten behoeve van adjunct-directeur Falck. Bestekken gezocht maar niet gevonden. Ook meldt hij de terugkomst van Cornelis de Jong, die wegens diefstal zes maanden ge­zeten heeft. 62)

27 juli 1822 N 145/7, door den Heer Gen van den Bosch ingezonden, Missive van den Adjunkt-Direkteur von Hoff aan ZHEG, opgave doende van de door E Nuis gevraagde som voor den aanbouw van een Adj-Direkteurshuis in de Ommerschans, en inzendende een certifikaat van den opziener over t bedelaarsgesticht; benevens verdere berigten. - De aanbesteding geapprobeerd en daarvan den direkteur berigt 29 juli zie N7, not 27 juli art 47. (brievenboek invnr 20)

27 juli 1822

- brief van de direkteur der kolonien N126, o.m. met afschrift van de bestekken ter aanbouw van een boerenwoning buiten de Ommerschans en van een verbetering aan het huis voor den adj direkteur Falck. (brievenboek invnr 20). Bestekken zitten er niet meer bij.

- Honorair lid H.W.C.A. Visser te IJsbrechtum meldt het totstandkomen van een vereniging van honoraire leden in Friesland. (brievenboek invnr 20)


29 juli 1822

Ingekomen post volgens brievenboek invnr 20. oa ontslag G.D. Gadsonides.

Ingekomen post volgens brievenboek invnr 20. Doopsgez haarlem vraagt ander werk voor abraham de haan dan hij nu krijgt.

Ingekomen post volgens brievenboek invnr 20. Delft draagt voor gezin van Wijnmalen ipv de Bruin, en verzoekt de 10 bedelaars snel over te nemen (heb ik geloof ik al, uit Kloosterhuis). vermelding