Besluit der Perm Komm der M van Weld, houdende het daarstellen van eigen winkels in de gewone kolonien, van den 10 mei 1825


Drents Archief, toegang 0186, invnr 963 en invnr 961 (mapje 1825)


De Perm Komm van Weld

Overwegende dat. om de konsumtie der kolonisten zoo veel mogelijk te kunnen bepalen tot voortbrengselen van eigen grond, en zoodanige andere als volstrekt noodzakelijk zijn tot levensonderhoud, het noodig is zelve de direktie te hebben over de verkoop dier waren en goederen aan de kolonisten;

Overwegende, dat eene vermindering van de geldelijke uitgaven ten behoeve van de geheel gevestigde kolonien, het ?? zal kunnen worden daargesteld door den kolonisten, in plaats van kontanten, tot aankoop van benoodigde winkelwaren, deze waren zelve in voldoening van hunnen arbeid te verschaffen, welke waren alsdan of door de kolonien kunnen worden voortgebragt, of door de Mij tegen produkten van eigen grond, van buiten kunnen worden ingeruild; zoodat het voortaan meer stellig en duidelijk kunnen blijken, of en in hoeverre de kolonien in staat zijn in derzelver geheele behoefte te kunnen voorzien.

Heeft besloten:

Art. 1
In ieder kolonie zal vanwege de Maatschappij van Weldadigheid een of meer winkels worden gehouden, en zullen in dezelve verkrijgbaar worden gesteld alle noodwendigheden welke voor de huishouding der kolonisten vereischt worden.

Art. 2
Die winkels zullen gehouden worden door daartoe door de Perm Komm aantestellen winkeliers, welke de goederen voor rekening der Maats. zullen uitslaan(?), aan welke winkeliers een traktement van f 7- wekelijks zal worden toegelegd.

Art. 3
De Heer Direkteur der kolonien zal, onder goedkeuring van de Perm Komm overeenkomsten sluiten met een of meer leveranciers, wegens het maandelijks leveren van de benoodigde vreemde waren, onder voorwaarde, dat de geleverde goederen met rogge, vlas, lijnzaad en boekweit tegen marktprijs, of ook wel met koloniale penningen, ter keuze van de P.C., zullen kunnen worden voldaan.

Art. 4
Het arbeidsloon van de kolonisten, hetwelk de Maatschappij, voor de bearbeiding van hunne grond voorschiet, en dat, hetwelk zij aan fabriekmatigen arbeid, ter voorziening in hunne behoefte van kleeding, verdienen, zal hun worden voldaan, in eene koperen of blikken, in de winkels der Maats. gangbare munt.

Art. 5
De winkelier ontvangt de goederen uit het Magazijn van de Maatschappij, en betaalt het daarvan verkochte wekelijks met de daarvoor ontvangene koperen of blikken munt.

Art. 6
De geadmitteerde winkels, welke niet onmiddellijk vanwege de Maatschappij gehouden worden, zullen, tegen behoorlijke borgstelling, maandelijks uit het Magazijn kunnen verkrijgen de ter verkoop verlangde goederen, welke zij tegen eene winst van niet meer dan 10 pct mogen uitslaan: zullende deze winkeliers alzoo het ontvangene koloniale geld voor 1/10e in kontanten kunnen verwisseld krijgen en en met de overig 9/10de ontvangen waren bij de Direktie kunnen voldoen.

Art. 7
Geene waren zullen in de winkels der Mij, noch in de geadmitteerde winkels, tot hoogere prijzen, bij een zelfde kwaliteit, ?? ?? ?? dezelve in de naburige winkels te Steenwijk verkrijgbaar zijn, mogen worden uitgeslagen.

Art. 8
Het koperen of blikken geld wordt door de Direkteur van geen andere dan de geadmitteerde winkels, noch van eenig ?? ter omwisseling aangenomen.

Art. 9
Het traktement van de geëmployeerden, tot eene kolonie behoorende, van den onder-direkteurs af tot tot de mindere, zal voor 2/5 gedeelten wekelijks in koloniale munt worden voldaan, waarnaar in de winkels der Maats: rogge, stoet(?), aardappelen en andere winkelwaren verkrijgbaar zullen worden gesteld.

Art. 10
Met den 1e juny aanstaande zal dit besluit in werking worden gebragt, en wordt de uitvoering van hetzelve aan den Heer Direkteur der kolonien opgedragen, ... enz

Let op: dit besluit wordt 19 juli grotendeels weer teruggedraaid. Dan is er alleen de aanstelling van een algemeen winkelier en de andere winkeliers krijgen geen traktement maar moeten leven van de 10 pct die ze winst mogen maken. Een en ander geldt alleen voor de vrije kolonien, niet voor de etablissementen.