TRANSCRIPTIE/VERTALING van een kopie van een brief van Van de Spiegel aan Etta dd 5 december 1788, uit Nationaal Archief, toegang 3.01.26, Archief van raadpensionaris Laurens Pieter van de Spiegel, invnr 49


Invnr 49 is een van de kopieboeken van de uitgaande post van Van de Spiegel. Onderstaande is de eerste melding van Etta nadat in 1787 Lampsins bij haar langs geweest is,
zie op deze pagina bij deel III pagina 315. Lampsins is ook degene die door Van de Spiegel, die zelden of nooit namen noemt in zijn brieven, bedoeld wordt met 'mr. L.'

Met de 'gedrukte gedachten' zal hij haar boek 'Réflexions sur l'ouvrage intitulé Aux Bataves sur le Stadhouderat' bedoelen. De brief is oorspronkelijk in het Frans. Hieronder achtereenvolgens:

■ de transcriptie van de brief, overgenomen uit RGP1 pagina's 149-150, waarbij bedacht moet worden dat RGP1 altijd grammaticale verbeteringen aanbrengt in originelen, en

■ een vrije vertaling van de brief.


Transcriptie

J'ai été tres flatté de recevoir vos deux lettres du 3 d'octobre et du 23 novembre qui me sont parvenues trois jours l'une après l'autre: les réflexions imprimées que vous avez bien voulu m'envoyer m'ont fait infiniment de plaisir; la défense d'une si bonne cause ne saurait être confiée en de meilleures mains que les vôtres, Madame, et j'ose vous prier de continuer à lui vouer vos talens et votre zèle vraiment patriotique.

Je vous fais mes remercimens pour les anecdotes que vous me mandez dans votre dernière lettre. Le caractère du personnage qui s'est laisser employer a certaine commission doit étre bien mauvais, après les beaux sentimens qu'il a affiches ailleurs, et je crois qu'il serait important de démasquer ce Tartuffe, si on pouvait avoir une copie de son rapport.

Je sais bon gré a Mr. L. de m'avoir procuré l'avantage de votre correspondance, et si ce n'est pas abuser de votre complaisance, je vous prierais de me continuer vos bontés; vous pouvez en toute sûreté écrire par la poste en adressant vos lettres sous une enveloppe a inon secrétaire que vous connaissez ou a son beau-frère M. Rietmulder, commis du bureau des postes a la Haye, en usant de la précaution de changer de tems a tems de cachet et d'écriture pour les adresses.

Je conçois fort bien, Madame, que pour avoir de bonnes nouvelles vous vous trouverez dans la necessité de faire quelques dépenses dont il serait une indiscrétion de laisser les avances a votre charge, c'est pourquoi je vous prie d'accepter provisionellement un billet de 500 livres ci-joint, et d'en faire l'usage que vous jugerez convenable.

Vous ne trouverez pas mauvais que je n'ai pas signé mon nom, le contenu vous apprendra suffisamment de la part de qui cette lettre vous vient. Je vous prie d'en faire de même lorsque vous me faites l'honneur de m'écrire.

Je puis encore ajouter, Madame, que LL. AA. S. et R. ont parlé avee la plus grande satisfaction de votre livre, et je suis persuadé qu'elles ne tarderont pas a vous donner des marqués de Leur réconnaissance gracieuse.


Vertaling

Ik ben zeer gevleid uw twee brieven van 3 oktober en van 23 november te mogen ontvangen, welke mij drie dagen na elkaar hebben bereikt; de gedrukte gedachten die u zo goed hebt willen zijn te zenden, hebben mij oneindig veel plezier gedaan; de verdediging van een zo schone zaak zou niet in betere handen kunnen zijn dan de uwe, Madame, en ik durf u te bidden daaraan uw talenten en uw waarlijk patriottistische ijver te blijven wijden.

Ik breng u mijn dankzeggingen over voor de anekdotes die u mij in uw laatste brief hebt gezonden. Het karakter van de persoon die zich heeft laten gebruiken voor een zekere commissie moet erg slecht zijn, na de mooie gevoelens die hij elders heeft uitgedrukt, en ik geloof dat het belangrijk zal zijn deze Tartuffe te ontmaskeren, als men een kopie van zijn rapport zou kunnen bemachtigen.

Ik ben Mr. L. dank verschuldigd dat hij mij het voordeel van uw correspondentie heeft bezorgd, en als het geen misbruik van uw welwillendheid is wil ik u bidden mij u goedheden te blijven bezorgen; u kunt in alle veiligheid over de post schrijven als u uw brieven adresseert in een envelop aan mijn secretaris die u kent of aan zijn zwager, M. Rietmulder, commies op het postbureau in Den Haag, waarbij u de voorzorg neemt om van tijd tot tijd het zegel en de schrijfwijze (of het handschrift) van de adressen te veranderen.

Ik begrijp heel goed, Madame, dat u om goede berichten te hebben in de noodzakelijkheid bent om enkele onkosten te maken waarvan het een onbescheidenheid zou zijn om de voorschotten op uw rekening te laten, het is daarom dat ik u bid om provisioneel aan te nemen een biljet van 500 livres hier bijgevoegd, en er het gebruik van te maken dat u nuttig oordeelt.

Ps. U zult het mij niet kwalijk nemen dat ik niet heb ondertekend met mijn naam, de inhoud doet u genoegzaam begrijpen van de kant van wie deze brief komt.
Ik bid u hetzelfde te doen wanneer u mij de eer aandoet mij te schrijven.

Ik kan tenslotte nog toevoegen, Madame, dat LL. AA. S. en R. over uw boek met de grootste tevredenheid hebben gesproken, en ik ben ervan overtuigd dat zij niet zullen dralen u marques van Hun beminnelijke erkentelijkheid te geven.


Je bent hier: OpeningBronnenNL-HaNaTg 3.01.26 → invnr 49 Brief 05-12-1788