Hoofdstuk 9, pagina 256
Prinses Anna

Het citaat uit het boek van Louis Blanc komt uit Les libertines, plaisir et liberte au temps des Lumieres, Parijs 1997, zie enkele aantekeningen daarbij.

Waar ik de 'gewillige dijen' vandaan heb, weet ik niet meer. Ik denk in een internetbiografietje dat ik daarna meteen weggegooid heb.

In een studie over de uitgewekenen uit 2003, Joost Rosendaal, Bataven! Nederlandse vluchtelingen in Frankrijk 1787-1795, Nijmegen 2003, komt Etta af en toe ook voor en dan vrijwel altijd als 'de intrigante Etta Palm'. Zie enkele aantekeningen bij dat boek.

Het boek van Louis Hastier heet Veilles Histoires, Etranges Enigmes, 7de serie, Paris, Fayard, 1965. Zie enkele aantekeningen bij dat boek.

Hastier wordt gebruikt door Francis Lacassin in het artikel Mata-Hari, ou la romance interrompue en daar wordt op gereageerd uit de hoek van de mensen die inlichtingendiensten bestuderen: Gérald Arboit schrijft "Souvent femme varie", une espionne Hollandaise à Paris. Zie de aantekeningen bij die stukken.

De hoofdpersoo in P.F. Thomése, Het zesde bedrijf, Querido, 1999, draagt de naam Etta Palm. De term 'anachronistische bakvissentaal' komt uit de bespreking van het boek door Judith Vega, Geschiedenis als fictie, het geromantiseerde leven van Etta Palm, in Historica 22, 3 oktober 1999, p 22-24.

De eerste die grote lappen (in het Engels vertaalde) tekst van Etta afdrukken zijn Darlene Gay Levy, Harriett Branson Applewhite en Mary
Durham Johnson in Women in Revolutionary Paris: 1789-1795, Selected
Documents Translated with Notes and Commentary, Urbana, University of Illinois press, 1979.

Een korte feministische biografie is geschreven door Judith Vega: Feminist republicanism: Etta Palm Aelders on justice, virtue and men, artikel in tijdschrift History of European ideas, jaargang 10 (1989) afl. 03 p. 333-351.

De biografie in het Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland is geschreven door Willemien Schenkeveld en staat hier. Ik heb vele jaren geleden een dvd met alle bestanden die ik toen al gevonden had aan de documentatie-afdeling van het IIAV gegeven, want je weet nooit of ik niet onder de tram loop en dan zou het zonde zijn als er niets met het materiaal gebeurde, en ik zie dat die dvd bij deze biografie gebruikt is. Heb ik niets tegen, helemaal prima.

Overigens gaan alle publicaties er van uit dat Etta's Discours op 30 december 1790 is voorgelezen in de Cercle Social, maar dat moet dus 3 december zijn.

Het googelen op Etta Palmstraat:
Etta Palmstraat Hoofddorp: bouwjaar 1991
Etta Palmstraat Arnhem: bouwjaar 1992
Etta Palmstraat Purmerend: 1962
Etta Palmstraat Leiden: 1989
Etta Palmstraat Velserbroek (niet meer dan een parkeerplaats).

Je bent hier: OpeningHoofdstuk 9 → pagina 256